Afspraken en Aanspraken
Einde inhoudsopgave
Afspraken en Aanspraken (SteR nr. 57) 2023/7.3:7.3 Samenvatting belastingrecht
Afspraken en Aanspraken (SteR nr. 57) 2023/7.3
7.3 Samenvatting belastingrecht
Documentgegevens:
N. van Triet, datum 23-12-2022
- Datum
23-12-2022
- Auteur
N. van Triet
- JCDI
JCDI:ADS685423:1
- Vakgebied(en)
Bestuursrecht algemeen (V)
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
De Hoge Raad heeft criteria geformuleerd voor het aannemen van in rechte te beschermen vertrouwen ontleend aan voorlichting, individuele inlichtingen en toezeggingen. Algemene voorlichting en individuele inlichtingen hebben met elkaar gemeen dat hun inhoud niet ziet op een concreet geval. Het verschil tussen beide ligt in de adressaat: waar algemene voorlichting bestemd is voor belastingplichtigen in het algemeen, zijn individuele inlichtingen bedoeld voor een individuele belastingplichtige. Voor de kwalificatie van een uitlating als inlichting is met name de algemene aard en karakter (geen standpuntbepaling, maar informatie van algemene aard), intentie (geen bindingswil), context van de informatieverstrekking (bijvoorbeeld uitlatingen via de Belastingtelefoon kunnen niet als toezegging worden aangemerkt) relevant.1
De toepassingsvoorwaarden voor een succesvol beroep op een algemene voorlichting of individuele inlichtingen zijn hetzelfde. De reden daarvoor is dat zij beide hun grondslag vinden in het belang dat de fiscus hecht aan een goede voorlichting aan het publiek omtrent het complexe belastingrecht. Aan deze uitlatingen kan in principe geen vertrouwen worden ontleend. De belastingplichtige kan op die uitlatingen slechts gerechtvaardigd vertrouwen indien hij heeft gedisponeerd en de onjuistheid van de voorlichting of inlichting niet had hoeven beseffen. Het lijden van dispositieschade is dus bij inlichtingen een voorwaarde voor het aannemen van gerechtvaardigd vertrouwen en daarmee voor een succesvol beroep op het vertrouwensbeginsel.
Voor toezeggingen daarentegen geldt dat een belastingplichtige daar in principe op mag vertrouwen. Een belastingplichtige hoeft geen dispositieschade aan te tonen voor een succesvol beroep op het vertrouwensbeginsel in dat geval. Van een toezegging is sprake als de uitlating is gericht op de specifieke omstandigheden van het geval nadat een belastingplichtige daarvoor alle relevante gegevens heeft verstrekt. In dat geval is sprake van een standpunt waaraan een belastingplichtige gerechtvaardigd vertrouwen kan ontlenen.
Inlichtingen en toezeggingen hebben met elkaar gemeen dat zij op individuele basis worden verstrekt. Het cruciale verschil ligt in het al dan niet toegespitst zijn op de concrete situatie en feiten van de belastingplichtige. De problemen ontstaan bij de afbakening tussen inlichtingen en toezeggingen wanneer een belastingplichtige denkt dat gegeven informatie is toegespitst op zijn persoonlijke situatie maar het slechts algemene informatie betreft. Kritiek op het onderscheid is vooral gelegen in het feit dat een belastingplichtige – in het algemeen – geen inlichtingen zal vragen over de inhoud van algemene regels. Hij wil iets weten ter verduidelijking van zijn eigen situatie, zijn motief is niet een algemene interesse.2