Wie heeft de leiding?
Einde inhoudsopgave
Wie heeft de leiding? (R&P nr. VG1) 2010/2.3.2.3:2.3.2.3 Bijzondere wettelijke bepaling
Wie heeft de leiding? (R&P nr. VG1) 2010/2.3.2.3
2.3.2.3 Bijzondere wettelijke bepaling
Documentgegevens:
Dr. mr. B.A.M. Janssen, datum 08-12-2010
- Datum
08-12-2010
- Auteur
Dr. mr. B.A.M. Janssen
- JCDI
JCDI:ADS617295:1
- Vakgebied(en)
Goederenrecht (V)
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Als laatste uitzondering op de verticale natrekking werd (oud) artikel 5.6 Tw genoemd. Op basis van dit artikel bracht de aanleg van kabels en netwerkaansluitpunten door de aanbieder van een openbaar telecommunicatienetwerk of van een omroepnetwerk in en op gronden evenals in en aan gebouwen van anderen geen wijziging in de eigendom van hetgeen is aangelegd. De aanlegger van een telecommunicatienetwerk bleef derhalve eigenaar van wat hij in andermans grond aanlegt. Dit regime is overgenomen uit de daarvoor geldende Wet op de telecommunicatievoorzieningen (artikel 36) dat weer zijn oorsprong vindt in artikel Ibis uit de Telegraaf- en Telefoonwet 1904. Volgens de wetsgeschiedenis van deze laatste wet strekte artikel Ibis ertoe dat de kabels niet door middel van natrekking eigendom zouden worden van de eigenaar van de grond. Er was dus sprake van doorbreking van de verticale natrekking in het geval een telecommunicatienetwerk werd aangelegd. In de kabelarresten werd deze uitzondering bevestigd. Bij wetsvoorstel 29 8341 werd artikel 5.6 vernummerd tot artikel 5.12 Tw en er werd een tekstuele wijziging aangebracht. Het artikel had betrekking op de eigendom van elektronisch communicatienetwerken (in plaats van openbare telecommunicatienetwerken). De bepaling zou dus ook gelden voor niet-openbare netwerken, zoals de elektronische netwerken ten behoeve van Defensie. Bij tweede nota van wijziging is artikel 5.12 komen te vervallen. In de toelichting staat hierover:2
`Het voorgestelde artikel 5.12 van de Tw voorzag slechts in een doorbreking van de verticale natrekking voor elektronisch communicatienetwerken. Dit artikel was bedoeld als de opvolger van het huidige artikel 5.6 Tw. Met de hier voorgestelde wijziging van het Burgerlijk Wetboek wordt het aanvankelijk voorgestelde artikel 5.12 Tw overgenomen in het BW en uitgebreid tot alle transportnetten, bestaande uit kabels en leidingen. Zo wordt voorzien in een regeling die de doorbreking van de verticale natrekking generiek regelt voor alle netten, ongeacht welke materie of informatie door dat net wordt getransporteerd. Artikel 5.12 kan daarmee dan ook vervallen.'
De enige wettelijke uitzondering op de verticale natrekking met betrekking tot netten bestaat inmiddels dus niet meer. Hiervoor in de plaats is een algemeen artikel betreffende de eigendom van netten in het BW opgenomen, hetgeen in het hierna volgende hoofdstuk uitgebracht toegelicht zal worden.