Einde inhoudsopgave
De notaris en gelijk oversteken (AN nr. 184) 2024/3.3
3.3 Aandelentransacties
mr. T.J. Bos, datum 01-05-2023
- Datum
01-05-2023
- Auteur
mr. T.J. Bos
- JCDI
JCDI:ADS941652:1
- Vakgebied(en)
Verbintenissenrecht (V)
Voetnoten
Voetnoten
Zie de toelichting op het Reglement rechercheren registergoederen.
Zie bijvoorbeeld S. Renssen, ‘De positionering van het (beperkt toegankelijk) centraal aandeelhoudersregister’, WPNR 2014/7002.
Hetgeen de praktijk is in Duitsland, zie hoofdstuk 5, deel 2 (publicatie 2), par. 5.2 en 5.4. Zie bovendien hoofdstuk 6, par. 4.2.4.2.
Zie het derde deel (de evaluaties) van de hoofdstukken 4 en 5.
Zie ook hoofdstuk 5, deel 2 (publicatie 2), par. 3.2.
Tegen een dergelijke gang van zaken (storting van de koopsom té ver in aanloop naar de transactie) kan worden opgetreden met de actio pauliana (H.W. Heyman, S.E. Bartels & V. Tweehuysen, Vastgoedtransacties: overdracht, Den Haag: Boom juridisch 2019, p. 215). Zie hierover ook hoofdstuk 2, deel 2 (publicatie 1), par. 2.1.3.
Bij aandelentransacties wordt eveneens, door middel van hetzelfde principe (de betaling via de kwaliteitsrekening), bij nagenoeg alle transacties een niet-oversteek gewaarborgd. Er zijn in dit kader twee verschillen te noemen ten opzichte van het stelsel bij registergoederen.
Het eerste verschil luidt dat het Reglement rechercheren registergoederen (hierna: het Reglement) en de Beleidsregel tijdstip uitbetaling gelden (hierna: de Beleidsregel) slechts de aanbeveling kennen om deze procedure ook na te leven bij aandelentransacties.1 Het is echter de vraag of dit daadwerkelijk slechts als aanbeveling moet worden gezien, gelet op de te bespreken jurisprudentie bij de volgende deelvraag. Het is beslist niet onmogelijk dat een notaris alsnog aansprakelijk kan worden gehouden, indien met een blik in het aandeelhoudersregister een in beginsel vermijdbaar risico voorkomen had kunnen worden. Naleving van het Reglement/de Beleidsregel kan dan wel slechts worden gekwalificeerd als ‘aanbeveling’, maar zal in de praktijk als dwingender worden opgevat, in die zin dat het een invulling vormt van hetgeen in beginsel vermijdbaar is (zie par. 4.1.2) en derhalve bepalend kan zijn voor de vraag of de notaris aansprakelijk is voor schade ontstaan uit een verwezenlijkt prestatierisico.
Het tweede verschil komt erop neer dat de vennootschap zelf verantwoordelijk is voor het bijhouden van het aandeelhoudersregister, waardoor – zoals veelvuldig opgemerkt in de literatuur – de kwaliteit ervan nogal eens te wensen overlaat.2 Een artikel 3:23/3:24 BW-achtige bescherming ontbreekt dan ook, hetgeen eveneens het gebruik van een voorwaardelijke beschikking (zoals deze bij registergoederen kan plaatsvinden) bemoeilijkt. Deze bezwaren worden onderkend in de Memorie van Toelichting van een wetsvoorstel betreffende een centraal aandeelhoudersregister. De invoering van een dergelijk register zou de taak van de notaris inzake het bereiken van een wederkerige (niet) oversteek bij aandelentranasacties aanzienlijk kunnen vergemakkelijken, hetgeen eveneens wordt opgemerkt in Memorie van Toelichting.3
Toch kan in veel gevallen ook in het huidige stelsel bij aandelentransacties een niet-oversteek worden gewaarborgd, door middel van het reeds beschreven gebruik van de notariële kwaliteitsrekening. De kwaliteitsrekening heeft juist hier (in tegenstelling tot bij registergoedtransacties) een grote (in ieder geval conceptuele) meerwaarde. Bij registergoederen kan, door middel van de Vormerkung, (vanuit het perspectief van de koper) een wederkerige oversteek en vanuit het perspectief van verkoper een niet-oversteek worden gewaarborgd,4 hetgeen mogelijk is omdat men bij registergoederen kan vertrouwen op de openbare registers voor wat betreft de rechtstoestand daarvan. Bij aandelen ligt dit, zoals hierboven beschreven, anders. Echter, omdat slechts bij het object van de prestatie óf de wederprestatie de onttrekking aan het rechtsverkeer dient plaats te vinden teneinde voor beide partijen (in ieder geval) een niet-oversteek te waarborgen,5 kan een niet-oversteek ook bij aandelentransacties worden gewaarborgd indien bij de betaling gebruik wordt gemaakt van de kwaliteitsrekening. Zodra de koper van de aandelen heeft gepresteerd door de koopsom op de kwaliteitsrekening te storten, is ten gunste van de verkoper (in ieder geval vanaf 00.00 uur vanaf de dag van levering, zie par. 2.2.4) een wederkerige oversteek gewaarborgd. De verkoper kan vanaf dat moment risicoloos presteren, omdat hij weet dat een contraire beschikkingshandeling door de koper niet meer kan plaatsvinden (de op de kwaliteitsrekening gestorte koopsom is ‘uit de macht van’ de koper) en een contraire verhaalsuitoefening evenmin het voor schuldeisers gewenste effect heeft (het op de kwaliteitsrekening gestorte deel van de koopsom is immers niet meer (onvoorwaardelijk) beschikbaar als verhaalsobject). Indien de verkoper onverhoopt niet presteert, kan de koopsom worden gerestitueerd aan de koper. Omdat het faillissement van de verkoper wordt gepubliceerd in het CIR, is het zelfs mogelijk om – door middel van een narecherche – het risico op een (terugwerkend) faillissement bij aandelentransacties te ondervangen. Het enige nadeel is dat het voor aandelen – vanwege het ontbreken van een betrouwbaar register voor de rechtstoestand daarvan – langer kan duren voor de notaris om vast te stellen of de eerdere levering daadwerkelijk het gewenste effect heeft gehad. Een contraire inschrijving tussen herrecherche en het passeren van de akte is bijvoorbeeld niet per se de volgende dag zichtbaar in een aandeelhoudersregister (hetgeen bij registergoederen doorgaans wél het geval zou zijn). Ook dit gegeven hoeft echter niet problematisch te zijn; de koopsom dient in dat geval eenvoudigweg (ietwat) langer aan het rechtsverkeer te worden onttrokken dan bij registergoedtransacties het geval is, teneinde de notaris voldoende tijd te geven om vast te stellen of de levering van de aandelen daadwerkelijk conform de gemaakte afspraken heeft plaatsgevonden.
Tot dusver heeft bij de registergoed- en aandelentransacties het waarborgen van een niet-oversteek centraal gestaan. Het verdient hier opmerking dat bij het merendeel van de transacties, ten gunste van de verkoper, door middel van de hierboven genoemde werkwijze eveneens een wederkerige oversteek deels wordt gewaarborgd, door het gebruik van de reeds genoemde kwaliteitsrekening, indien de koopsom wordt gestort vóórdat de transactie wordt voltrokken; vanaf 00.00 uur dag waarop de leveringsakte wordt ondertekend (ervan uitgaande dat de kwaliteitsrekening bij aandelentransacties dezelfde vermogensrechtelijke gevolgen kent als bij registergoedtransacties), kan de koper niet over de reeds gestorte geldsom beschikken en deze koopsom is evenmin beschikbaar voor verhaal door zijn schuldeisers.6 Deze waarborging van de wederkerige oversteek ten gunste van de verkoper geldt niet onverkort in het Nederlandse stelsel; als de koopsom nog niet gestort is op de kwaliteitsrekening, en een schuldeiser legt beslag op de koopsom (in de praktijk doorgaans zijnde de vordering die de koper op de bank heeft), gaat de transactie niet door. De koper kan de koopsom in deze situatie dan ook niet storten op kwaliteitsrekening, zodat de notaris al enkele dagen vóór de overdracht weet dat de koper niet gaat nakomen, hetgeen de verkoper nog wel beschermt inzake zijn belang bij een niet-oversteek, maar geen wederkerige oversteek meer waarborgt. Dit geldt waarschijnlijk eveneens voor een koopsom die té ver in aanloop naar de transactie op de kwaliteitsrekening wordt gestort.7