Fiscaal overgangsbeleid
Einde inhoudsopgave
Fiscaal overgangsbeleid (FM nr. 131) 2009/2.3.2:2.3.2 Keuze definitie
Fiscaal overgangsbeleid (FM nr. 131) 2009/2.3.2
2.3.2 Keuze definitie
Documentgegevens:
dr. M. Schuver-Bravenboer, datum 01-02-2009
- Datum
01-02-2009
- Auteur
dr. M. Schuver-Bravenboer
- JCDI
JCDI:ADS415007:1
- Vakgebied(en)
Fiscaal bestuursrecht (V)
Fiscaal bestuursrecht / Algemeen
Fiscaal bestuursrecht / Algemene rechtsbeginselen en abbb
Belastingrecht algemeen / Algemeen
Staatsrecht / Wetgeving
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Zowel de term ‘geldingsregel’ als de term ‘verwijzingsregel’ is naar mijn mening echter niet geschikt om de werking van een wet aan te duiden. De term ‘geldingsregel’ suggereert dat het iets zegt over de gelding van een wet.1 De gelding van een wet is echter verbonden aan het moment van in werking treden, dat wordt bepaald door de inwerkingtredingsdatum (zie par. 2.2.1). De gelding van een wet bepaalt vanaf welk moment de wet formeel rechtsgevolgen kan verbinden. Bij de werking van wetten gaat het om de vraag in welke periode feiten zich moeten aandienen en toestanden zich moeten bevinden, wil de wet daaraan rechtsgevolgen kunnen verbinden. De term ‘verwijzingsregels’ geeft de regulering van de temporele werking van wetten beter weer. Een verwijzingsregel kan inhouden dat de nieuwe wet nog niet werkt, ten gevolge waarvan impliciet wordt verwezen naar de oude wet. Echter, een verwijzingsregel kan ook bepalen dat de nieuwe wet direct vanaf het moment van in werking treden volledig werkt. In dat geval vindt geen verwijzing plaats. Het overgangsrecht sluit namelijk aan bij de nieuwe wet (zie par. 2.3.3). Een betere benaming voor deze categorie van regels is mijns inziens ‘werkingsregels’.
Het begrip werkingsregel definieer ik als volgt:
Een werkingsregel geeft aan in welke periode feiten zich moeten voordoen en toestanden zich moeten bevinden wil de wet daaraan rechtsgevolgen kunnen verbinden.
Een werkingsregel is géén materiële regel en is strikt bezien niet bepalend voor de inhoud van de nieuwe wet. Gegeven het moment van inwerkingtreding van een nieuwe regel, zijn binnen de categorie werkingsregels drie variaties denkbaar. Een werkingsregel kan bewerkstelligen dat een nieuwe regeling
werkt vanaf een moment dat is gelegen vóór het inwerkingtredingsmoment (terugwerkende kracht);
werkt vanaf het moment van in werking treden (onmiddellijke werking); of
eerst gaat werken vanaf een ná het inwerkingtredingsmoment gelegen tijdstip (uitgestelde werking).2
Wanneer in de literatuur wordt gesproken over terugwerkende kracht of onmiddellijke werking, wordt lang niet altijd hetzelfde bedoeld.3 Voor een goed begrip van de gevolgen van werking volgt daarom in par. 2.4 t/m 2.6 een inventarisatie van de inhoud van de verschillende werkingsregels.