Bescherming van beursvennootschappen door uitgifte van preferente aandelen
Einde inhoudsopgave
Bescherming van beursvennootschappen door uitgifte van preferente aandelen (VDHI nr. 147) 2018/11.3:11.3 Vrijstelling voor stichting continuïteit en ratio daarvan
Bescherming van beursvennootschappen door uitgifte van preferente aandelen (VDHI nr. 147) 2018/11.3
11.3 Vrijstelling voor stichting continuïteit en ratio daarvan
Documentgegevens:
mr. R.A.F. Timmermans, datum 01-10-2017
- Datum
01-10-2017
- Auteur
mr. R.A.F. Timmermans
- JCDI
JCDI:ADS345827:1
- Vakgebied(en)
Ondernemingsrecht / Rechtspersonenrecht
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Zie paragraaf 2.5.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Zou verder niets geregeld zijn, dan zou een stichting continuïteit die de optie uitoefent en daarmee 50% van de stemrechten in de algemene vergadering kan uitoefenen een bod op de overige uitstaande aandelen moeten uitbrengen. Dit zou onredelijk zijn, omdat de beschermingsprefs worden uitgegeven om een gelijk speelveld te creëren in de onderhandelingen tussen de bieder en de doelvennootschap ten einde de doelvennootschap tijd te geven haar positie ten opzichte van de bieder te bepalen, eventuele alternatieven te zoeken, een hogere overnameprijs te bedingen of werkgelegenheidsgaranties af te dwingen.1 Om die reden en vanwege het feit dat het merendeel van de Nederlandse beursgenoteerde vennootschappen beschermingsprefs als beschermingsmaatregel hanteert,2 heeft de wetgever een vrijstelling toegekend aan een stichting continuïteit, mits deze aan de voorwaarden als opgenomen in art. 5:71 lid 1 onderdeel c Wft voldoet:
de partij die overwegende zeggenschap kan uitoefenen, is een rechtspersoon (het rechtspersoonscriterium);
de rechtspersoon moet een van de doelvennootschap onafhankelijke rechtspersoon zijn (het onafhankelijkheidscriterium);
de rechtspersoon moet ten doel hebben het behartigen van de belangen van de doelvennootschap en de met haar verbonden onderneming (het doel van de rechtspersoon);
de rechtspersoon mag de aandelen slechts na aankondiging van een openbaar bod houden (het moment van nemen);
de rechtspersoon mag de aandelen slechts voor de maximale duur van twee jaar houden (de maximumduur);
de rechtspersoon mag de aandelen slechts ter bescherming van de doelvennootschap houden (het doelcriterium).
In dit verband verdient het aandacht dat deze voorwaarden niet van toepassing zijn op een stichting continuïteit of een niet-rechtspersoon die geen overwegende zeggenschap verkrijgt. Dat betekent dat zowel een stichting die niet aan alle voorwaarden voldoet als een niet-rechtspersoon, beschermingsprefs mag nemen, mits zij maar onder de 30%-grens blijven. Voorts telt potentieel stemrecht in de vorm van opties niet als stemrecht onder de verplicht bod regeling. De reden daarvoor is dat stemrecht eerst werkelijk ontstaat op het moment waarop de uitoefening van de optie heeft plaatsgevonden.3 Van machtsmisbruik voorafgaand aan de uitoefening van de optie kan dus geen sprake zijn.
In de volgende paragraaf ga ik op ieder van de hierboven genoemde voorwaarden nader in.