Het bestuursverbod bij de commanditaire vennootschap
Einde inhoudsopgave
Het bestuursverbod bij de commanditaire vennootschap (IVOR nr. 93) 2013/1.1.6:1.1.6 Relevantie van het onderzoek
Het bestuursverbod bij de commanditaire vennootschap (IVOR nr. 93) 2013/1.1.6
1.1.6 Relevantie van het onderzoek
Documentgegevens:
Mr. A.J.S.M. Tervoort, datum 11-07-2013
- Datum
11-07-2013
- Auteur
Mr. A.J.S.M. Tervoort
- JCDI
JCDI:ADS449866:1
- Vakgebied(en)
Ondernemingsrecht / Personenvennootschappen
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Bij de beschrijving van het belang van dit onderzoek maak ik een onderscheid tussen de wetenschappelijke en de praktische relevantie. De wetenschappelijke relevantie van de onderzoeksvraag ligt daarin, dat er tot op heden geen fundamenteel onderzoek is gedaan naar het bestuursverbod. Dat geldt overigens niet alleen voor Nederland, maar ook voor de overige rechtsstelsels die voor deze studie zijn onderzocht. Wel is er relatief veel over het bestuursverbod geschreven, maar een studie waarin het bestuursverbod in zowel in een rechtshistorisch als rechtsvergelijkend perspectief wordt geanalyseerd ontbreekt tot nu toe. Het onderzoek draagt dus bij aan een vermeerdering van onze wetenschappelijke kennis. Het praktisch belang van het onderzoek volgt uit hetgeen onder 1.1.5 hierboven is geschreven. De huidige opzet van het bestuursverbod in Nederland heeft een negatieve invloed op de aantrekkelijkheid van de rechtsvorm van de commanditaire vennootschap. Wanneer deze negatieve invloed op enigerlei wijze zou kunnen worden weggenomen, zou de commanditaire vennootschap beter aansluiten bij de wensen van de binnen- en buitenlandse ondernemers en investeerders die op zoek zijn naar een rechtsvorm waarin zij hun wensen inzake de vormgeving van hun samenwerking optimaal kunnen verwezenlijken. Daarmee zou het gebruik van de commanditaire vennootschap kunnen worden bevorderd en een versterking van het Nederlandse ondernemingsklimaat kunnen worden bewerkstelligd.