Einde inhoudsopgave
De overeenkomst van Internet Service Providers met consumenten (R&P nr. 149) 2007/4.3.3
4.3.3 Overige inhoud van de 5P-overeenkomst
mr. L.A.R. Siemerink, datum 13-03-2007
- Datum
13-03-2007
- Auteur
mr. L.A.R. Siemerink
- JCDI
JCDI:ADS388065:1
- Vakgebied(en)
Verbintenissenrecht (V)
Voetnoten
Voetnoten
Contra proferentem: opstellen van algemene voorwaarden door één partij kan bij twijfel meebrengen dat het voordeel daarvan de wederpartij wordt gegund (art. 6:238 lid 2 BW tweede zin).
BR 13 maart 1981, Nl 1981, 635 m.nt. CJHB (Ermes c.s/Haviltex). Zie ook Jongeneel 1991, p. 162.
HR 17 september 1993, NJ 1994, 173 m.nt. PAS en HR 24 september 1993, NJ 1994, 174 m.nt. PAS. Zie ook HR 20 februari 2004, NJ 2005, 493 m.nt. prof. mr. C.E. du Perron.
HR 30 november 2001, Rechtspraak.nl, I.J1\1: AD5317 en HR 30 november 2001, Rechtspraak.nl, I.J1\1: AD5318. Zie ook paragraaf 4.3.4 'De wijze waarop de algemene voorwaarden tot stand zijn gekomen'.
Zie paragraaf 4.32.4 'Duurovereenkomst' en paragraaf 4.32.7 'Gedragscodes'.
Loos 1998, p. 188.
Een beding in algemene voorwaarden kan vernietigbaar zijn indien het onredelijk bezwarend is voor de wederpartij gelet op de overige inhoud van de overeenkomst. Bij het element 'overige inhoud van de overeenkomst' valt te denken aan de overige bedingen van de algemene voorwaarden. Evenmin als andere contractuele afspraken zijn algemene voorwaarden steeds kristalhelder. Vertrekpunt bij de uitleg ervan is de algemene regel dat niet met een taalkundige uitleg kan worden volstaan: het komt aan op de zin die partijen over en weer redelijkerwijs aan de bepaling(en) mochten toekennen en op hetgeen zij te dien aanzien redelijkerwijs van elkaar mochten verwachten.1 De inhoud van een overeenkomst kan worden vastgesteld met behulp van de Haviltex-norm, volgens welke niet de letterlijke tekst van het beding doorslaggevend is, maar de zin die partijen daaraan onder de gegeven omstandigheden redelijkerwijs kunnen toekennen.2 Is de betekenis van het beding na toepassing van deze uitlegregel nog niet duidelijk, dan dient te worden uitgegaan van de meest consumentvriendelijke uitleg. De Hoge Raad heeft echter ten aanzien van de uitleg van de bepalingen van een CAO een anders geformuleerde norm aanvaard: voor die uitleg zijn de bewoordingen van de desbetreffende bepaling, gelezen in het licht van de gehele tekst van die overeenkomst, in beginsel van doorslaggevende betekenis.3 Een belangrijk verschil is dat bij een CAO het probleem speelt van de rechtstreekse doorwerking van afspraken tussen werkgevers en vakbonden in de arbeidsovereenkomsten van de bij de vakbonden aangesloten werknemers. Dit betekent dat men voor de uitleg van de bepalingen van een CAO die rechtsstreeks doorwerken, geen gebruik kan maken van de Haviltex-norm omdat de individuele werknemer geen partij is bij de CAO en ook niet betrokken is geweest bij de totstandkoming daarvan. Tussen de Haviltex-norm en de CAO-norm bestaat geen tegenstelling, maar een vloeiende overgang. Met betrekking tot algemene voorwaarden heeft de Hoge Raad geoordeeld dat ten aanzien van een beding in algemene voorwaarden, bij de totstandkoming waarvan slechts de gebruiker betrokken kan zijn en niet degene tegen wie die voorwaarden worden ingeroepen, in zijn algemeenheid niet als juist kan worden aanvaard dat slechts de bewoordingen van de tussen partijen betwiste bepaling gelezen in het licht van de gehele tekst van deze algemene voorwaarden beslissend zijn, waarmee 'in zijn algemeenheid' de CAO-norm werd afgewezen.4
Wanneer een beding nog net toelaatbaar schijnt, kan een ander bezwarend beding het ten val brengen. Daartegenover kan een naar het schijnt onredelijk beding door een ander beding worden gered, maar dit kan in beginsel alleen ten aanzien van bedingen die met elkaar samenhangen. Kortom, het is van belang om de gehele inhoud van een overeenkomst nader te bestuderen. Beperkingen met betrekking tot hoofdverplichtingen (kernbedingen) zijn niet toegestaan. Bijvoorbeeld de eigenaar van een garderobe die zich niet aansprakelijk stelt voor verlies of diefstal, tast het karakter van de hoofdverplichting tot bewaarneming aan.
Duidelijkheid in algemene voorwaarden is daarom van belang. Het beginsel transparantie staat hierbij centraal. Duidelijkheid is in tweeërlei zin te verstaan: duidelijkheid in de formulering van de afzonderlijke bedingen en een duidelijke structuur in het geheel van de algemene voorwaarden zelf. Daarbij is de positie van de gebruiker van algemene voorwaarden, in dit geval de ISP, van belang. Duidelijkheid en eenvoud van bedingen is ook daarom belangrijk omdat men kan voorkomen dat de opgestelde bedingen frequent moeten worden gewijzigd.5 Het is mogelijk dat een beding op zichzelf geen interpretatieproblemen oplevert, maar anderszins onduidelijk is voor consumenten.
Zo stelt Loos dat een beding waarin wordt gesteld dat een bepaald wetsartikel niet van toepassing is, voor de consument in het algemeen geheimtaal zal zijn.6