Einde inhoudsopgave
Douanewaarde in een globaliserende wereld (FM nr. 164) 2021/7.2.4.3.3
7.2.4.3.3 Voorwaarde 2 – De verkoper heeft de prijs aangepast om het gebrek te compenseren om te voldoen aan zijn contractuele en/of wettelijke verplichtingen
M.L. Schippers, datum 01-01-2021
- Datum
01-01-2021
- Auteur
M.L. Schippers
- JCDI
JCDI:ADS258667:1
- Vakgebied(en)
Omzetbelasting / Algemeen
Accijns en verbruiksbelastingen / Algemeen
Douane (V)
Voetnoten
Voetnoten
Commentaar 2 van de Expertgroep Douane (afdeling douanewaarde) betreffende de toepassing van artikel 132 UDWU, punt 3.
Een voorbeeld van een wettelijke garantieplicht vloeit voort uit Richtlijn 1999/44/EG van het Europees Parlement en de Raad van 25 mei 1999 betreffende bepaalde aspecten van de verkoop van en de garanties voor consumptiegoederen, OJ L 171, 7.7.1999, p. 12–16. Hieruit volgt een wettelijke garantietermijn van minimaal twee jaar bij consumentenkoop.
HvJ EU 19 maart 2009, nr. C-256/07 (Mitsui & Co. Deutschland GmbH tegen Hauptzollamt Düsseldorf), ECLI:EU:C:2009:167, r.o. 29.
Onder het CDW werd in artikel 145, lid 2, onderdeel b, TCDW als voorwaarde gesteld dat de prijsaanpassing, in het kader van gebrekkige goederen, verband moest houden met de uitvoering van een contractuele garantieverplichting zoals opgenomen in een koopcontract. Onder het DWU lijkt een en ander ruimer geformuleerd. In artikel 132, onderdeel b, UDWU wordt namelijk in algemenere bewoordingen als voorwaarde gesteld dat de verkoper de prijs heeft aangepast om ofwel te voldoen aan zijn contractuele verplichtingen die zijn aangegaan vóór aanvaarding van de douaneaangifte ofwel om te voldoen aan wettelijke verplichtingen die op de goederen van toepassing zijn. Aan dit vereiste wordt ook voldaan indien de uitwerking van de garantiebepalingen zijn opgenomen in een separaat document dat aan het koopcontract is gekoppeld en deel uitmaakt van de relevante commerciële transactie tussen koper en verkoper.1 In mijn optiek kan hierbij worden gedacht aan een verwijzing naar de algemene voorwaarden die een verkoper hanteert. Wat wordt verstaan onder wettelijke verplichtingen is niet nader bepaald. Naar mijn mening kan hierbij echter worden gedacht aan garanties die verkopers gehouden zijn te geven aan hun afnemers op basis van nationaal en Europees recht.2
Uit het arrest Mitsui & Co. Deutschland GmbH tegen Hauptzollamt Düsseldorf volgt dat een prijsaanpassing van gebrekkige goederen zelfs in aanmerking genomen kan worden indien een contractuele garantieverplichting leidt tot vergoedingen door de fabrikant‑verkoper aan de koper ten belope van de reparatiekosten die deze laatste door zijn eigen afnemers in rekening krijgt gebracht.3 Mitsui & Co. Deutschland GmbH koopt van fabrikant-verkoper Subaru nieuwe voertuigen (zie figuur 7.1). Deze in Japan vervaardigde voertuigen brengt zij vervolgens in het vrije verkeer in de Europese Unie. De nieuwe voertuigen worden vervolgens via dealers verkocht. Subaru heeft voor de voertuigen een driejarige garantie voor technische en andere gebreken afgegeven. Onder toepassing van de garantiebepalingen, vergoedt Subaru aan Mitsui & Co. Deutschland GmbH de kosten die de dealers hebben gemaakt om de gebreken te verhelpen. De vraag is of de kosten die de dealers in rekening brengen aan Mitsui & Co. Deutschland GmbH een wijziging van de werkelijk betaalde of te betalen prijs vormen of dat dit enkel het geval is wanneer de verkoper en de koper een vermindering van de prijs overeenkomen op grond dat de goederen gebreken vertonen. Het Hof van Justitie oordeelt dat betalingen die een verkoper krachtens een garantieovereenkomst aan een koper doet ter vergoeding van de reparatiekosten die de koper door zijn eigen afnemers in rekening worden gebracht, een wijziging van de werkelijk betaalde of te betalen prijs vormen en bijgevolg recht geven op een (gedeeltelijke) teruggaaf van betaalde invoerrechten. De prijsaanpassing moet dus leiden tot een daadwerkelijke betaling van de verkoper. Dit hoeft echter geen terugbetaling van de door de koper werkelijk betaalde of te betalen prijs te zijn of een gedeeltelijke kwijtschelding daarvan, maar kan ook bestaan uit de vergoeding van reparatiekosten waarmee het gebrek wordt verhopen.
Figuur 7.1 – Feitencomplex Mitsui & Co. Deutschland GmbH tegen Hauptzollamt Düsseldorf.