Fusies en overnames in de Europese BTW
Einde inhoudsopgave
Fusies en overnames in de Europese BTW (FM nr. 146) 2016/5.4.5.0:5.4.5.0 Element iv): Autonome economische activiteit
Fusies en overnames in de Europese BTW (FM nr. 146) 2016/5.4.5.0
5.4.5.0 Element iv): Autonome economische activiteit
Documentgegevens:
S.B. Cornielje, datum 01-03-2016
- Datum
01-03-2016
- Auteur
S.B. Cornielje
- JCDI
JCDI:ADS418176:1
- Vakgebied(en)
Omzetbelasting / Algemeen
Belastingrecht algemeen / Algemeen
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Met de overgedragen algemeenheid dient een autonome economische activiteit te kunnen worden verricht. Het verrichten van een economische activiteit is op basis van artikel 9 Btw-richtlijn een voorwaarde om te kunnen worden aangemerkt als belastingplichtige voor de btw. Het artikel geeft aan dat als economische activiteit wordt beschouwd:
“alle werkzaamheden van een fabrikant, handelaar of dienstverrichter, met inbegrip van de winning van delfstoffen, de landbouw en de uitoefening van vrije of daarmede gelijkgestelde beroepen. Als economische activiteit wordt in het bijzonder beschouwd de exploitatie van een lichamelijke of onlichamelijke zaak om er duurzaam opbrengst uit te verkrijgen”.
Zoals ik hiervoor al vaststelde, betekent de voorwaarde uit Zita Modes dat met hetgeen wordt overgedragen een autonome economische activiteit moet kunnen worden uitgevoerd feitelijk niets anders dan de voorwaarden dat sprake moet zijn van de overdracht van een ‘handelszaak of autonoom bedrijfsonderdeel’ en dat deze moet bestaan uit lichamelijke en onlichamelijke zaken die ‘tezamen een onderneming vormen’. Alle drie deze voorwaarden geven uitdrukking aan het uitgangspunt dat de zaken die met behoud de door de gezamenlijke bestemming bepaalde samenhang worden overgedragen tezamen gebruikt kunnen worden om activiteiten te verrichten op basis waarvan belastingplicht voor de btw ontstaat.
Ik ben voorstander van een ruime uitleg van het begrip economische activiteit. Het begrip moet in de eerste plaats iets zeggen over de (grenzen aan de) belastingplicht in de btw, en niet over te onderscheiden objecten van heffing (belastbare handelingen). Naar mijn idee moet onder ‘alle werkzaamheden’ worden verstaan het geheel van handelingen dat een ondernemer verricht in het kader van zijn algehele bedrijvigheid die uiteindelijk is gericht op het behalen van opbrengst door het verrichten van belastbare handelingen.1
Hoewel op basis van artikel 9 Btw-richtlijn geldt dat het oogmerk of het resultaat waarmee economische activiteiten worden verricht niet van belang is, geldt naar mijn idee dat sprake moet zijn van handelingen die gericht zijn op een opbrengst. Met Van Doesum meen ik dat de ‘economische activiteit’ impliceert dat een streven bestaat om opbrengst te genereren.2 Het oogmerk is in dit kader dus toch van belang. Worden handelingen – al dan niet verricht onder bezwarende titel – verricht met het oogmerk om aan de btw onderworpen handelingen te verrichten dan moeten deze handelingen worden aangemerkt als economische activiteiten. Het is derhalve niet van belang of deze handelingen van fabrikant, handelaar of dienstverrichter onmiddellijk tot btw-relevante prestaties leiden. Met de handelingen dient een economisch doel te worden nagestreefd.