Regres bij concernfinanciering
Einde inhoudsopgave
Regres bij concernfinanciering (VDHI nr. 156) 2019/6.4.2:6.4.2 Regels voor kapitaalbehoud
Regres bij concernfinanciering (VDHI nr. 156) 2019/6.4.2
6.4.2 Regels voor kapitaalbehoud
Documentgegevens:
mr. drs. C.H.A. van Oostrum, datum 01-01-2019
- Datum
01-01-2019
- Auteur
mr. drs. C.H.A. van Oostrum
- JCDI
JCDI:ADS585091:1
- Vakgebied(en)
Ondernemingsrecht / Europees ondernemingsrecht
Verbintenissenrecht / Algemeen
Ondernemingsrecht / Rechtspersonenrecht
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Onder Stammkapital wordt verstaan: het statutair bepaalde bedrag van ten minste € 25.000 (Mindestkapital, § 5 (1) GmbHG) dat de som vormt van de uitgegeven aandelen vermenigvuldigd met hun nominale waarde (§ 5 (3) GmbHG). Overigens hoeft conform § 7(2) GmbHG maar de helft van het minimumkapitaal, of een vierde van het nominale kapitaal te worden volgestort.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
De schuldeisers van de GmbH ontlenen zekerheid aan interne aansprakelijkheidsnormen die – in essentie – toezien op het behoud van het gebonden eigen vermogen van de vennootschap. De vennootschap (of haar curator) kan namelijk haar aandeelhouder(s) en haar bestuurders aansprakelijk stellen bij ongeoorloofde vermogensonttrekking die leidt tot aantasting van het Stammkapital1 of insolventie. In de onderstaande tekst worden deze normen besproken. Hierbij worden § 30 GmbHG en § 64 GmbHG uitgebreider behandeld vanwege de mogelijke gevolgen die deze bepalingen kunnen hebben voor upstream zekerheidsverlening. Verder zullen § 31 GmbHG en § 43 GmbHG kort aan bod komen.
6.4.2.1 § 30 GmbHG6.4.2.2 Doel en werking6.4.2.3 Juridische consequenties van een inbreuk op § 30 GmbHG6.4.2.4 § 64 GmbHG