Fusies en overnames in de Europese BTW
Einde inhoudsopgave
Fusies en overnames in de Europese BTW (FM nr. 146) 2016/6.3.5.4:6.3.5.4 Het arrest EDM
Fusies en overnames in de Europese BTW (FM nr. 146) 2016/6.3.5.4
6.3.5.4 Het arrest EDM
Documentgegevens:
S.B. Cornielje, datum 01-03-2016
- Datum
01-03-2016
- Auteur
S.B. Cornielje
- JCDI
JCDI:ADS413312:1
- Vakgebied(en)
Omzetbelasting / Algemeen
Belastingrecht algemeen / Algemeen
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Ik merk op dat r.o. 67 ook kan worden begrepen in de zin dat a fortiori terugslaat op handelen in de hoedanigheid van belastingplichtige en niet op de toepassing van het verlengstukcriterium. Ik stel vast dat ook in die lezing niet kan worden geconcludeerd dat een onderscheid wordt gemaakt tussen twee manieren waarop sprake kan zijn van handelen in de hoedanigheid van belastingplichtige op dezelfde voet als in het arrest Floridienne-Berginvest.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
In het arrest EDM vind ik weer enige houvast voor mijn interpretatie van het arrest Régie Dauphinoise en het arrest Harnas & Helm. Eén van de elementen die in dit arrest aan de orde is, is de vraag of de rente die EDM ontvangt ter zake van leningen die zij verstrekt aan ondernemingen waarin zij deelneemt in de berekening van het pro rata-aftrekrecht dient te worden opgenomen. De toepassing van artikel 19 lid 2 Zesde BTW-Richtlijn (thans: artikel 174 lid 2 onderdeel b Btw-richtlijn) is daarmee opnieuw aan de orde.
Net als in de arresten Régie Dauphinoise en het arrest Floridienne-Berginvest begint het Hof van Justitie zijn beantwoording op dit punt met de vaststelling dat de rente een vergoeding is voor de kapitaalverstrekking en daarom niet kan worden uitgesloten van de werkingssfeer van de btw. Vervolgens gaat het Hof van Justitie opnieuw op de vraag in of deze activiteit wordt verricht door een als zodanig handelende belastingplichtige. Het Hof van Justitie oordeelt dat:
“-66. Aangaande de vraag of een holding in een dergelijke situatie deze dienst verricht als belastingplichtige, heeft het Hof in punt 18 van het arrest Régie Dauphinoise geoordeeld dat een persoon handelt in deze hoedanigheid wanneer hij handelingen stelt die het rechtstreekse, duurzame en noodzakelijke verlengstuk van zijn belastbare activiteit vormen, zoals de ontvangst, door een beheerder van onroerend goed, van rente op beleggingen van gelden die hij van zijn klanten ontvangt in het kader van het beheer van hun onroerend goed.
–67. Dit is a fortiori het geval wanneer de betrokken handelingen bedrijfsmatig of met een commercieel oogmerk worden verricht, onder andere gekenmerkt door het streven naar een maximaal rendement van het geïnvesteerde kapitaal.”
In afwijking van het arrest Floridienne-Berginvest oordeelt het Hof van Justitie derhalve dat afortiori sprake is van een rechtstreeks, duurzaam en noodzakelijk verlengstuk wanneer de betrokken handelingen bedrijfsmatig of met een commercieel oogmerk worden verricht. In tegenstelling tot het Floridienne- Berginvest-arrest wordt de verlengstukgedachte dus niet als een afzonderlijke mogelijkheid genoemd om tot belastingplicht te komen.1 Hieruit leid ik af dat het Hof van Justitie in deze situatie het verlengstukcriterium naar recept van Régie Dauphinoise (en dus niet Harnas & Helm) toepast. Immers, door aan te geven dat van een rechtstreeks, duurzaam en noodzakelijk verlengstuk temeer sprake is wanneer de handelingen een bedrijfsmatig karakter hebben, geeft het Hof van Justitie aan dat de invulling van artikel 4 lid 2 Zesde BTW-Richtlijn (thans: artikel 9 Btw-richtlijn) door de toets van het economisch karakter niet losstaat van de toepassing van de verlengstukgedachte. Het bedrijfsmatige karakter van de kapitaalverstrekking versterkt de indruk dat deze kapitaalverstrekking niet kan worden uitgesloten van de economische activiteit als geheel. Dit betekent dat in beginsel sprake is van een economische activiteit en het verlengstuk slechts dient om uit te sluiten dat deze economische activiteit buiten het kader van de belastingplichtige activiteiten valt.