Einde inhoudsopgave
Uitbesteding in de financiële sector (O&R nr. 88) 2015/5.18.3
5.18.3 Voortgezette dienstverlening tijdens de opzegtermijn
mr. drs. P. Laaper, datum 01-09-2015
- Datum
01-09-2015
- Auteur
mr. drs. P. Laaper
- JCDI
JCDI:ADS594121:1
- Vakgebied(en)
Financieel recht / Bank- en effectenrecht
Financieel recht / Financieel toezicht (juridisch)
Voetnoten
Voetnoten
Art. 13, lid 2, sub h, Bupw.
Zie par. 5.18.2.
Bij ingewikkelde uitbestedingen is het verstandig om de dienstverlener gedurende de lopende dienstverlening een exit-plan te laten opstellen. Daarin beschrijft de dienstverlener per productiemiddel of productieproces, wat er vóór de beëindiging bij de dienstverlener aanwezig is, wat er nodig is bij de opvolgende dienstverlener, wat er overgaat naar de opvolgende dienstverlener en wat er vervangen moet worden. Zie Moerel & Van Reeken 2009, p. 235. Uitbestedingen van vermogensbeheer zijn wat dat betreft relatief eenvoudig, omdat de overdracht van werkzaamheden tamelijk eenvoudig is. Zeker wanneer het pensioenfonds een “eigen” custodian heeft ingeschakeld, behelst de vervanging van de vermogensbeheerder weinig meer dan het intrekken van de volmacht aan de ene vermogensbeheerder, en het verlenen van een volmacht aan de opvolgende dienstverlener.
Moerel & Van Reeken 2009, p. 134; Federal Reserve Bank of New York, 1999, p. 6.
Het pensioenfonds moet, ook contractueel, waarborgen dat het de uitbestede werkzaamheden na beëindiging weer zelf kan uitvoeren of door een derde kan laten uitvoeren.1 Op de eerste plaats valt daarbij te denken aan een voldoende lange opzegtermijn voor de dienstverlener.2
Met ingang van de opzegtermijn valt voor de dienstverlener echter een belangrijke prikkel weg om zich optimaal voor zijn klant in te zetten. Het pensioenfonds verliest daardoor aan “control”. Het is dan ook zaak om voldoende contractuele waarborgen te bedingen om de kwaliteit van uitvoering gedurende die opzegperiode te waarborgen. In de contracteerfase is elke dienstverlener bereid om redelijke afspraken te maken.3
De meeste verplichtingen van de vermogensbeheerder worden vrij nauwkeurig in de vermogensbeheerovereenkomst omschreven. Ook na de opzegging is de vermogensbeheerder daar goed aan te houden. De kernverplichting, die verband houdt met de selectie van beleggingen, is echter minder goed in kwaliteitsnormen vast te leggen. De kwaliteit van die werkzaamheden wordt in belangrijke mate bepaald door de kwaliteit van de medewerkers van de vermogensbeheerder die voor het betreffende pensioenfonds werkzaam zijn. Een van de grootste risico’s voor het pensioenfonds is daarom dat deze medewerkers na opzegging (al snel) worden overgeplaatst naar een ander klantteam met meer toekomstperspectief.4 Daarom wordt soms overeengekomen dat de vermogensbeheerder slechts in beperkte mate personele wijzigingen mag aanbrengen in het team dat voor het pensioenfonds werkzaam is, en dat zonder toestemming van het fonds de accountmanager in het geheel niet mag worden vervangen.