Einde inhoudsopgave
Pleitbaar standpunt in het fiscale boete- en strafrecht (FM nr. 148) 2016/2.6.2
2.6.2 Binding met de ingediende aangifte(n)
dr. mr. M.M. Kors, datum 21-11-2016
- Datum
21-11-2016
- Auteur
dr. mr. M.M. Kors
- JCDI
JCDI:ADS568690:1
- Vakgebied(en)
Fiscaal procesrecht / Algemeen
Voetnoten
Voetnoten
Rb. Amsterdam (sector strafrecht) 9 oktober 2008, ECLI:NL:RBAMS:2008:BF8876, r.o. 3.4.3.3.
HR (belastingkamer) 7 september 1988, BNB 1988/319, r.o. 4.4-4.5; HR (belastingkamer) 4 oktober 2002, BNB 2003/84, ECLI:NL:HR:2002:AE8365, r.o. 4.3: “Dit standpunt is bij een ander, op zichzelf pleitbare, uitlegging van de overeenkomst ter zake van het uittreden uit de maatschap dan het Hof heeft gegeven, verdedigbaar. Met dit standpunt valt echter niet te rijmen dat in de aangifte voor 1987 het door belanghebbende thans als onzeker deel van de tegenprestatie gekwalificeerde bedrag op nihil is gesteld met als enige toelichting aandeel in dubieuze vorderingen… welke vorderingen zijn gewaardeerd op nihil. Indien belanghebbende evenwel niet van dit standpunt is uitgegaan, had hij de nabetalingen in de aangiften voor de volgende jaren moeten vermelden.”; HR (belastingkamer) 12 juli 2013, BNB 2013/200, ECLI:NL:HR:2013:32, r.o. 5.2.
HR (belastingkamer) 19 april 2013, BNB 2013/156, ECLI:NL:HR:2013:BW7156, r.o. 3.5: “Het Hof hoefde zich van zijn oordeel niet te laten weerhouden door de omstandigheid dat ten tijde van het doen van de aangiften … belanghebbende de… productiekosten nog ten laste van de winst had kunnen brengen.” HR (strafkamer) 19 november 2013, ECLI:NL:HR:2013:1357, r.o. 4.3.4.
HR (belastingkamer) 19 april 2013, BNB 2013/156, ECLI:NL:HR:2013:BW7156, r.o. 3.5: “… kan… die klacht niet tot cassatie leiden, aangezien dat standpunt blijkens het middel geen betrekking had op belanghebbendes gedragingen bij het doen van de hiervoor vermelde aangiften, op grond van welke gedraging het Hof het voor de boetes vereiste opzet heeft aangenomen.” De verwijtbare gedraging zag hierbij op het ten onrechte niet aangeven van illegale inkomsten, het pleitbare standpunt zag op de mogelijke aftrekbaarheid van de niet in de aangiften afgetrokken kosten die verband hielden met die niet in de aangiften aangegeven illegale inkomsten.
Voorts kan zowel in de fiscale boete- als in de fiscale strafjurisprudentie uitsluitend van een pleitbaar standpunt worden gesproken als het objectief voldoende verdedigbare standpunt in de belastingaangifte(n) is ingenomen of aan de belastingaangifte(n) ten grondslag heeft gelegen. Een standpunt dat weliswaar in theorie objectief voldoende verdedigbaar is, maar dat niet verenigbaar is met de in de ingediende aangifte1 of ingediende aangiften2 opgenomen feiten, kan derhalve niet pleitbaar zijn. Hierbij kan bijvoorbeeld worden gedacht aan de situatie waarin de rechter heeft geoordeeld dat de belastingplichtige bepaalde inkomsten in de aangifte inkomstenbelasting 2010 had moeten opnemen, terwijl de belastingplichtige het op zich objectief voldoende verdedigbare standpunt heeft ingenomen dat deze inkomsten in 2011 moeten worden opgegeven. Als de belastingplichtige de inkomsten dan vervolgens ook in 2011 niet heeft aangegeven, kan niet worden gesproken van een pleitbaar standpunt over het genietingsmoment.
Een belastingplichtige heeft de mogelijkheid wijzigingen op de ingediende belastingaangifte aan de inspecteur door te geven. Hij kan, nadat hij de aangifte heeft gedaan, feiten corrigeren of aanvullen, of standpunten over de interpretatie of toepassing van het recht wijzigen of alsnog innemen. Dit kan ook nog in bezwaar en in beroep plaatsvinden, middels een verzoek om ambtshalve vermindering zelfs als de termijnen voor bezwaar en beroep reeds zijn verstreken. Gebruikmaking van de mogelijkheid om naderhand wijzigingen op de aangifte door te geven heeft echter in het boete- en strafrecht in beginsel niet tot gevolg dat een voltooid delict, het opzettelijk doen van een onjuiste aangifte, het opzettelijk of grofschuldig veroorzaken van een onjuiste belastingheffing of het opzettelijk of grofschuldig doen van een onjuiste belastingbetaling, wordt weggenomen.3 Een belastingplichtige kan in het kader van de boete- of strafrechtelijke aansprakelijkheid derhalve worden gehouden aan de feiten en standpunten die hij aanvankelijk in de belastingaangifte heeft vermeld en ingenomen en aan de feiten en standpunten die hij aan die belastingaangifte ten grondslag heeft gelegd.
Het uitgangspunt dat een belastingplichtige hieraan kan worden gehouden heeft naar mijn mening ook consequenties voor de aanwezigheid van een pleitbaar standpunt. Het staat een belastingplichtige in het kader van de belastingheffing of -betaling weliswaar vrij naderhand een ten opzichte van de oorspronkelijk ingediende aangifte gewijzigd standpunt in te nemen, maar een dergelijk standpunt kan, ook als het op zich objectief voldoende verdedigbaar is, zodra het delict is voltooid geen pleitbaar standpunt meer vormen.4 Een belastingplichtige die bijvoorbeeld als binnenlands belastingplichtige aangifte heeft gedaan en daarbij een bankrekening ten onrechte niet heeft aangegeven, maar zich pas in bezwaar op het objectief voldoende verdedigbare, maar niet in de aangifte verwerkte standpunt stelt dat hij niet in Nederland heeft gewoond en niet in Nederland belastingplichtig is geweest, heeft geen pleitbaar standpunt ingenomen.