Einde inhoudsopgave
Uitbesteding in de financiële sector (O&R nr. 88) 2015/7.5.3
7.5.3 Vertegenwoordiging in het bestuur
mr. drs. P. Laaper, datum 01-09-2015
- Datum
01-09-2015
- Auteur
mr. drs. P. Laaper
- JCDI
JCDI:ADS596422:1
- Vakgebied(en)
Financieel recht / Bank- en effectenrecht
Financieel recht / Financieel toezicht (juridisch)
Voetnoten
Voetnoten
De wetgever schrijft hier over “belanghebbenden” en besteedt met name aandacht aan de vertegenwoordigers van werknemers en van ensioengerechtigden. De statuten hoeven niet te voorzien in stemgerechtigde vertegenwoordigers voor andere groepen begunstigden. Voorzien de statuten daar wel in, dan worden die vertegenwoordigers gelijkgesteld met vertegenwoordigers van pensioengerechtigden (art. 100-102 Pw).
Zie art. 2:291, lid 1 BW (voor de stichting). Zie verder art. 2:44, lid 1 BW (vereniging), 2:129, lid 1 BW (NV) en 2:239, lid 1 (BV).
De meeste pensioenfondsen hebben de rechtsvorm van de stichting. Enkele zijn als vereniging vormgegeven. Zie bijv. Blom 2013, p. 779.
Dijk/Van der Ploeg 2013, p. 185; Hamers 2015, p. 142; Asser/Rensen 2-III* 2012, nr. 334; Asser/Maeijer, Van Solinge & Nieuwe Weme 2-II* 2009, nr. 389-391 en Asser/ Maeijer & Kroeze 2-I* 2015, nr. 189.
Zie ook Commissie Frijns 2010, p. 48-50; Commissie Staatsen 2003, p. 37.
Dit wordt nog eens bevestigd doordat uitbestedende ondernemingen verantwoordelijk blijven voor de uitbestede werkzaamheden en doordat een expliciet verbod op uitbesteding van de vaststelling van het beleggingsbeleid is opgenomen voor icbe’s (art. 38, lid 2, Bgfo). Zie ook par. 2.3 en par. 5.4.
Art. 111, lid 1, sub g, Pw.
De naleving van de Code pensioenfondsen is verplicht volgens het “comply or explain”-principe (art. 33, lid 2, Pw jo. art. 11, lid 2, Bupw).
De meest directe invloed die begunstigden1 op de koers van het pensioenfonds kunnen hebben, bestaat alleen bij de paritaire bestuursmodellen. Zij loopt via de vertegenwoordiging in het bestuur. Het bestuur bestuurt.2 Wie (be)stuurt, bepaalt mede de koers. Dat is voor een pensioenfonds, ongeacht zijn rechtsvorm,3 niet anders. Wat die bestuurstaak inhoudt, is in het Burgerlijk Wetboek niet duidelijk omschreven. Algemeen wordt aangenomen dat "besturen” alles omvat dat nodig is om de rechtspersoon, gezien de doelstelling en activiteiten, in het maatschappelijk verkeer te doen functioneren.4 Het is daarmee ook de verantwoordelijkheid van het bestuur om uitvoering te geven aan de taakstelling van het pensioenfonds.5 Tot de bestuurstaak behoren dan ook in ieder geval de vaststelling van het beleggingsbeleid, het besluit tot uitbesteding of de beëindiging daarvan, de interne voorbereiding op de uitbesteding en de aansturing van de dienstverlener.6
Overigens zijn de mogelijkheden voor begunstigden om “hun” vertegenwoordigers in het bestuur te “ontslaan” tamelijk beperkt. De statuten van het fonds moeten een ontslagregeling bevatten.7 Naar de Code pensioenfondsen8 wordt een bestuurder ontslagen door het bestuur. De Code stelt geen verdere eisen dan dat vooraf de raad van toezicht of het niet uitvoerende deel van het bestuur wordt gehoord. De statuten mogen natuurlijk wel een verdergaande regeling bevatten.