De optimale rechtsvorm voor de samenwerking in het beroep
Einde inhoudsopgave
De optimale rechtsvorm voor de samenwerking in het beroep (VDHI nr. 139) 2017/3.4.4.2:3.4.4.2 Vertegenwoordiging van de coöperatie
De optimale rechtsvorm voor de samenwerking in het beroep (VDHI nr. 139) 2017/3.4.4.2
3.4.4.2 Vertegenwoordiging van de coöperatie
Documentgegevens:
mr. S.E. van der Waals, datum 30-01-2017
- Datum
30-01-2017
- Auteur
mr. S.E. van der Waals
- JCDI
JCDI:ADS385542:1
- Vakgebied(en)
Ondernemingsrecht / Algemeen
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
De vertegenwoordigingsregeling van de coöperatie lijkt sterk op die van de kapitaalvennootschap zoals besproken in paragraaf 3.4.3.2. De vertegenwoordigingsbevoegdheid komt op grond van artikel 2:45 lid 1 BW ook bij de coöperatie toe aan het bestuur. Lid 2 van artikel 2:45 BW is echter tegenovergesteld aan lid 2 van artikel 2:130/240 BW: bestuurders van de coöperatie zijn in beginsel niet individueel vertegenwoordigingsbevoegd. De statuten kunnen de bevoegdheid echter wel toekennen aan een individuele bestuurder.
Artikel 2:45 lid 2 BW bevat overigens, net als artikel 2:130/240 lid 2 BW direct ook een wettelijke beperkingsmogelijkheid van de bevoegdheid; ook bij de coöperatie kan een meerhandtekeningenclausule worden opgenomen in de statuten, op basis waarvan slechts twee of meer gezamenlijk handelende bestuurders bevoegd zijn tot vertegenwoordiging. Voor de omvang van de vertegenwoordigingsbevoegdheid van bestuurders van de coöperatie geldt hetzelfde als besproken bij de kapitaalvennootschappen.1 Hoewel voor de vereniging op grond van artikel 2:44 lid 2 BW een specifieke wettelijke beperking van de bevoegdheid geldt (namelijk voor bepaald soort rechtshandelingen), geldt deze beperking op grond van artikel 2:55a BW niet voor de coöperatie. Hierin lijkt de coöperatie dus meer op een kapitaalvennootschap dan op een vereniging. Dit is ook logisch nu de coöperatie net als de kapitaalvennoot schappen (en in tegenstelling tot de vereniging) een onderneming drijft. Voor een beschrijving van de omvang van de vertegenwoordigingsbevoegdheid wordt daarom verwezen naar paragraaf 3.4.3.2.