Fusies en overnames in de Europese BTW
Einde inhoudsopgave
Fusies en overnames in de Europese BTW (FM nr. 146) 2016/5.4.2.3:5.4.2.3 Aflopende diensten met betrekking tot ontvlechting
Fusies en overnames in de Europese BTW (FM nr. 146) 2016/5.4.2.3
5.4.2.3 Aflopende diensten met betrekking tot ontvlechting
Documentgegevens:
S.B. Cornielje, datum 01-03-2016
- Datum
01-03-2016
- Auteur
S.B. Cornielje
- JCDI
JCDI:ADS418154:1
- Vakgebied(en)
Omzetbelasting / Algemeen
Belastingrecht algemeen / Algemeen
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
HR 29 januari 2010, nr. 08/01847, V-N 2010/8.16.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Wanneer een gedeelte van een onderneming wordt verkocht of afgesplitst komt het regelmatig voor dat na de overdracht nog voor een zekere periode diensten worden verricht door de overdrager aan de partij die het gedeelte van de onderneming heeft verworven. Veelal hebben deze diensten een tijdelijk karakter en hebben deze betrekking op het afwikkelen van lopende orders of transacties, of vloeien deze voort uit het ontvlechten van het overgedragen gedeelte uit complexe administratieve of IT-systemen. Het overgedragen gedeelte maakt dan bijvoorbeeld – tegen vergoeding – gebruik van de systemen van de overdrager, totdat ontvlechting voltooid is. Dergelijke aflopende of naijlende dienstverlening is vanuit praktisch oogpunt veelal van groot belang voor het succesvol overdragen of afsplitsen van een bedrijfsonderdeel. Strikte toepassing van de leer van de Hoge Raad met betrekking tot doorlopende diensten,1 zou evenwel leiden tot de conclusie dat dergelijke diensten niet binnen de reikwijdte van de geruisloze overgang vallen.
Vanuit doel en strekking van de regeling voor de geruisloze overgang acht ik het redelijk wanneer in gevallen waarin aflopende dienstverlening met betrekking tot ontvlechting wordt verricht door de overdrager aan de verkrijger, deze dienstverlening geruisloos kan geschieden. Daarbij zou naar mijn idee moeten gelden dat die dienstverlening voor een vooraf bepaalde periode wordt verricht, en de betrokken diensten niet eveneens zouden kunnen worden verworven van een derde dienstverlener, zodat door deze uitbreiding van de geruisloze overgang in het kader van de fiscale neutraliteit geen verstoring van de concurrentieverhoudingen optreedt.