Einde inhoudsopgave
Richtlijn 2009/138/EG betreffende de toegang tot en uitoefening van het verzekerings- en het herverzekeringsbedrijf (Solvabiliteit II)
Artikel 246 Toezicht op het governancesysteem
Geldend
Geldend vanaf 28-01-2025
- Bronpublicatie:
27-11-2024, PbEU L 2025, 2025/2 (uitgifte: 08-01-2025, regelingnummer: 2025/2)
- Inwerkingtreding
28-01-2025
- Bronpublicatie inwerkingtreding:
27-11-2024, PbEU L 2025, 2025/2 (uitgifte: 08-01-2025, regelingnummer: 2025/2)
- Vakgebied(en)
Financieel recht / Financieel toezicht (juridisch)
Verzekeringsrecht / Algemeen
Verzekeringsrecht / Bijzondere onderwerpen
1.
De vereisten van titel I, hoofdstuk IV, afdeling 2, zijn van overeenkomstige toepassing op het niveau van de groep. Het governancesysteem van de groep bestrijkt deelnemende verzekerings- of herverzekeringsondernemingen, moederverzekeringsholdings of gemengde financiële moederholdings, alsook alle verbonden ondernemingen binnen de groep in de zin van artikel 212 die overeenkomstig artikel 213, lid 2, punten a), b) en c), onderworpen is aan groepstoezicht. Het governancesysteem van de groep bestrijkt ook alle ondernemingen die door de deelnemende onderneming of haar dochterondernemingen gezamenlijk worden beheerd met een of meer ondernemingen die geen deel uitmaken van dezelfde groep.
Onverminderd de eerste alinea van dit lid worden de risicobeheer- en internecontrolesystemen en rapportageprocedures in alle ondernemingen die op grond van artikel 213, lid 2, punten a) en b), onder het groepstoezicht vallen, consequent toegepast, zodat die systemen en rapportageprocedures op het niveau van de groep kunnen worden gecontroleerd.
De lidstaten zorgen ervoor dat het bestuurlijk, beleidsbepalend of toezichthoudend orgaan van de uiteindelijke moederverzekerings- of -herverzekeringsonderneming, verzekeringsholding, gemengde financiële holding met hoofdkantoor in de Unie of de overeenkomstig artikel 214, lid 5 of lid 6, aangewezen moederonderneming de eindverantwoordelijkheid draagt voor de naleving door de groep waarop overeenkomstig artikel 213, lid 2, punten a), b) en c), het groepstoezicht van toepassing is, van de wettelijke en bestuursrechtelijke bepalingen die op grond van deze richtlijn zijn vastgesteld. Het bestuurlijk, beleidsbepalend of toezichthoudend orgaan van elke verzekerings- en herverzekeringsonderneming binnen de groep blijft verantwoordelijk voor de eigen naleving van alle vereisten, zoals gespecificeerd in artikel 40 en artikel 213, lid 1, tweede alinea.
Het risicobeheersysteem bestrijkt ten minste alle verzekerings- en herverzekeringsactiviteiten die binnen de groep worden verricht, alsook wezenlijke niet-verzekeringsactiviteiten. Zij bestrijkt ook de uit die activiteiten voortvloeiende risico's waaraan de groep blootstaat of zou kunnen worden blootgesteld, en de onderlinge afhankelijkheden en relaties daartussen.
2.
Onverminderd lid 1 omvatten de internecontrolesystemen van de groep ten minste het volgende:
- a)
adequate procedures met betrekking tot de groepssolvabiliteit om alle bestaande materiële risico's te bepalen en te meten en het in aanmerking komend eigen vermogen naar behoren af te stemmen op de risico's;
- b)
gedegen rapportage- en financiële-verslaggevingsprocedures om de intragroeptransacties en de risicoconcentratie te bewaken en te beheren.
De deelnemende verzekerings- of herverzekeringsonderneming, de verzekeringsholding of de gemengde financiële holding controleert regelmatig de activiteiten van haar verbonden ondernemingen, met inbegrip van de in artikel 228, lid 1, bedoelde verbonden ondernemingen en niet-gereglementeerde ondernemingen. Die controle staat in verhouding tot de aard, de omvang en de complexiteit van de risico's die de verbonden ondernemingen op het niveau van de groep genereren of zouden kunnen genereren.
De deelnemende verzekerings- of herverzekeringsonderneming, de verzekeringsholding of de gemengde financiële holding beschikt over schriftelijke beleidslijnen op het niveau van de groep en zorgt ervoor dat de schriftelijke beleidslijnen van alle gereglementeerde ondernemingen binnen de groep stroken met de groepsbeleidslijnen. Zij zorgt er tevens voor dat de groepsbeleidslijnen door alle gereglementeerde ondernemingen binnen de groep op consistente wijze worden toegepast.
3.
De in de leden 1 en 2 bedoelde systemen en rapportageprocedures worden overeenkomstig de voorschriften van hoofdstuk III door de groepstoezichthouder gecontroleerd.
4.
De lidstaten schrijven voor dat de deelnemende verzekerings- of herverzekeringsonderneming, de verzekeringsholding of de gemengde financiële holding de bij artikel 45 voorgeschreven beoordeling op het niveau van de groep moeten uitvoeren. De op groepsniveau uitgevoerde beoordeling van het eigen risico en de solvabiliteit bestrijkt ten minste alle verzekerings- en herverzekeringsactiviteiten die binnen de groep worden verricht, alsook wezenlijke niet-verzekeringsactiviteiten. Zij bestrijkt ook de uit die activiteiten voortvloeiende risico's waaraan de groep blootstaat of zou kunnen worden blootgesteld, en de onderlinge afhankelijkheden en relaties daartussen. Zij wordt overeenkomstig hoofdstuk III aan toezicht door de groepstoezichthouder onderworpen.
Wanneer de berekening van de solvabiliteit op het niveau van de groep wordt uitgevoerd volgens methode 1 zoals bedoeld in artikel 230, dan zorgt de deelnemende verzekerings- of herverzekeringsonderneming, de verzekeringsholding of de gemengde financiële holding ervoor dat de groepstoezichthouder een helder inzicht heeft in het verschil tussen de som van de solvabiliteitskapitaalvereisten van alle verbonden verzekerings- en herverzekeringsondernemingen van de groep en het geconsolideerde solvabiliteitskapitaalvereiste van de groep.
De deelnemende verzekerings- of herverzekeringsonderneming, de verzekeringsholding of de gemengde financiële holding mag, als de groepstoezichthouder daarmee instemt, alle bij artikel 45 voorgeschreven beoordelingen tegelijkertijd op het niveau van de groep en op het niveau van een dochteronderneming van de groep uitvoeren en mag zij een enkel document opstellen dat op alle beoordelingen betrekking heeft.
Alvorens overeenkomstig de derde alinea zijn instemming te geven raadpleegt de groepstoezichthouder de leden van het college van toezichthouders, waarbij hij naar behoren rekening houdt met hun standpunten en voorbehouden.
Indien de groep gebruik maakt van de bij de derde alinea geboden mogelijkheid, doet zij het document tegelijkertijd aan alle betrokken toezichthoudende autoriteiten toekomen. De gebruikmaking van deze mogelijkheid ontslaat de betrokken dochterondernemingen niet van de verplichting om ervoor te zorgen dat aan de vereisten van artikel 45 is voldaan.
5.
De lidstaten schrijven voor dat de deelnemende verzekerings- of herverzekeringsonderneming, de verzekeringsholding of de gemengde financiële holding ervoor zorgt dat de groep beschikt over solide governanceregelingen, waaronder een duidelijke organisatiestructuur met duidelijk omschreven, transparante en samenhangende verantwoordelijkheden en scheiding van taken binnen de groep. Het governancesysteem van de groep heeft tot doel belangenconflicten te voorkomen of, wanneer dat niet mogelijk is, die te beheren.
De personen die feitelijk een verzekerings- of herverzekeringsgroep besturen, worden geacht de personen te zijn die feitelijk de moederonderneming bedoeld in lid 1, derde alinea, besturen.
De lidstaten schrijven voor dat een deelnemende verzekerings- of herverzekeringsonderneming, een verzekeringsholding of de gemengde financiële holding de personen aanwijst die verantwoordelijk zijn voor andere sleutelfuncties binnen de verzekerings- of herverzekeringsgroep die overeenkomstig artikel 213, lid 2, punten a), b) en c), onderworpen is aan groepstoezicht. Het in lid 1, derde alinea, van dit artikel bedoelde bestuurlijk, beleidsbepalend of toezichthoudend orgaan is verantwoordelijk voor de activiteiten die door die personen worden verricht.
Wanneer de personen die feitelijk een verzekerings- of herverzekeringsgroep besturen of verantwoordelijk zijn voor andere sleutelfuncties ook de personen zijn die feitelijk een of meer verzekerings- of herverzekeringsondernemingen of andere verbonden ondernemingen besturen, of verantwoordelijk zijn voor andere sleutelfuncties binnen een van die ondernemingen, zorgt de deelnemende onderneming ervoor dat de rollen en verantwoordelijkheden op groepsniveau duidelijk gescheiden zijn van die welke op het niveau van elke individuele onderneming van toepassing zijn.