Einde inhoudsopgave
Accijnzen (FM nr. 126) 2008/4.9.3
4.9.3 Vrijstellingen en teruggaafregelingen
Mr. dr. W.M.G. Visser, datum 27-03-2008
- Datum
27-03-2008
- Auteur
Mr. dr. W.M.G. Visser
- JCDI
JCDI:ADS298068:1
- Vakgebied(en)
Europees belastingrecht / Belastingen EU
Accijns en verbruiksbelastingen / Accijns
Voetnoten
Voetnoten
Overweging 17 considerans Accijnsrichtlijn.
Art. 22 lid 5 eerste volzin Accijnsrichtlijn.
Art. 6 Richtlijn energiebelastingen.
Art. 22 lid 1 jo. lid 2 onderdeel d Accijnsrichtlijn. Art. 11 Structuurrichtlijn tabaksproducten.
Art. 23 lid 1 Accijnsrichtlijn. Art. 27 Structuurrichtlijn alcoholhoudende dranken. Art. 6 Richtlijn energiebelastingen.
Art. 91 EG. Art. 22 lid 5 slotzin Accijnsrichtlijn.
Art. 26 lid 2 Richtlijn energiebelastingen.
De uitwerking daarvan is vastgelegd in de Wa, de Wbm, het UB Accijns, het UB Wbm, de UR Accijns en de UR Wbm.
Kamerstukken II 1989/90, 21 368, nr. 3, p. 15.
Art. 10 lid 4, art. 20 lid 4 en art. 22 lid 1 en lid 3 Accijnsrichtlijn.
Art. 49 Wbm.
De vrijstelling als bedoeld in art. 65 lid 1 onderdeel a jo. art. 64 Wa.
Art. 70 lid 1 onderdeel a Wa.
Als bedoeld in art. 65 lid 3 Wa. Art. 70 lid 2 Wa. Aan de verkrijging van die vergunning zijn voorwaarden verbonden. Art. 12, art. 15, art. 17, art. 18 en art. 24 UB Accijns.
Art. 25 Structuurrichtlijn alcoholhoudende dranken.
Art. 11 Structuurrichtlijn tabaksproducten. Hof ’s-Hertogenbosch 11 mei 2001, nr. 95/03665, LJN AB1882, V-N 2001/40.16.
Art. 23 lid 5 Accijnsrichtlijn. Art. 70 lid 1 onderdeel c jo. art. 66a Wa.
Art. 70 lid 3 Wa.
Art. 33 UB Accijns.
HR 12 september 2003, 38.237, V-N 2003/52.8, FED 2003/490, BNB 2003/365. Hof Amsterdam 3 februari 2004, nr. 00/90196, LJN AO5326. Hof Amsterdam 2 april 2002, 0179/2000, LJN AP4565.
Art. 30 UB Accijns.
Hof ’s-Hertogenbosch 24 september 2002, nr. 93/03004, LJN AE9614, r.o. 4.4. en 4.5.
De voldoening van de accijns in de lidstaat waar de uitslag tot verbruik heeft plaatsgevonden, moet volgens de Accijnsrichtlijn aanleiding kunnen geven tot teruggaaf van accijns indien de goederen niet voor verbruik in die lidstaat bestemd zijn.1 De lidstaten bepalen deze vrijstellingen of teruggaven zelf, en aan welke voorwaarden en formaliteiten daarvoor moet worden voldaan. De Accijnsrichtlijn laat het aan de lidstaten over de procedures en de wijze van controle vast te stellen die gelden voor teruggaven op hun eigen grondgebied.2 Het staat de lidstaten vrij aan de bij de Richtlijn energiebelastingen voorgeschreven vrijstellingen of verlagingen rechtstreeks uitvoering te geven, door middel van rechtstreekse vrijstellingen of verlaagde tarieven of door middel van een teruggaafregeling.3 Ter realisering daarvan noemen de Accijnsrichtlijn, de Wa en de Wbm een limitatief aantal gevallen waarin sprake kan zijn van teruggaaf van accijns.4 Met betrekking tot vernietiging, herbewerking of herverwerking van tabaksproducten dan wel vernietiging van de fiscale merktekens dwingen de Accijnsrichtlijn noch de structuurrichtlijnen de lidstaten tot invoering van een vrijstelling of teruggaaf.5
Teruggaaf is ook een onrechtstreeks middel om een vrijstelling of verlaagd tarief te effectueren, ingeval deze niet rechtstreeks kunnen worden toegepast.6 Omwille van de neutraliteit van belastingheffing zorgen de lidstaten ervoor dat zij nooit meer teruggaaf verlenen dan hetgeen eerder al dan niet rechtstreeks geheven is.7 Een rentevergoeding is niet een binnen de systematiek van de teruggaafregelingen passende remedie. De belastingplichtige is immers vaak een andere dan degene die het verzoek tot teruggaaf doet.
Teruggaaf van accijns kan onder omstandigheden staatssteun vormen en moet daarom uit hoofde van het staatssteunregime, afzonderlijk van de reguliere verplichte verstrekking van informatie omtrent teruggaafregelingen, bij de EC worden gemeld.8
Daarom kan teruggaaf alleen op verzoek worden verleend, en onder strikte voorwaarden.
Tezamen vormen deze voorwaarden een reeks van specifieke teruggaafregelingen.9
In het algemeen gaat het om gevallen waarin accijnsgoederen worden verbruikt voor een ander doel dan dat waarop de accijnsheffing zich aanvankelijk heeft gericht, dan wel als grondstof bij de vervaardiging van niet aan accijns onderworpen goederen of als hulpstof. Voorts kan teruggaaf worden verleend bij vernietiging en teloorgaan van accijnsgoederen, bij uitvoer10, in geval van verkopen op afstand11 en voor communautaire accijnsgoederen waarvoor de accijns al is voldaan en die worden verbruikt met een bestemming waarvoor bij uitslag of bij invoer recht op vrijstelling zou bestaan.12 Verder wordt teruggaaf van accijns verleend in verband met accijnsgoederen die kunnen delen in een vrijstelling13, maar waarvan de aangegeven bestemming aanvankelijk niet of niet voldoende blijkt uit de goederen als zodanig, en metterdaad zijn gebruikt voor een specifieke vrijgestelde bestemming, te weten14:
1 alcoholhoudende goederen gebruikt bij het vervaardigen van levensmiddelen, niet bestemd voor inwendig gebruik door de mens, of gebruikt voor de vervaardiging van geneesmiddelen;
2 minerale oliën niet bestemd om te worden gebruikt als motorbrandstof of als brandstof voor verwarming, of bestemd ter ondervuring van hoogovens;
3 tabaksproducten bestaand uit andere stoffen dan tabak en bestemd om te worden gebruikt voor medicinale doeleinden; of
4 accijnsgoederen die worden gebruikt als grondstof voor het vervaardigen van niet-accijnsgoederen.
De teruggaaf wordt verleend aan degene die een vergunning heeft die bedoeld is om hem in aanmerking te brengen voor de vrijstelling van accijns ter zake van de uitslag of invoer van deze accijnsgoederen.15
Voorzien is in teruggaaf van accijns met betrekking tot alcoholhoudende dranken die uit de markt zijn genomen omdat zij wegens hun staat of ouderdom ongeschikt zijn geworden voor menselijke consumptie16, en met betrekking tot tabaksproducten die zijn gedenatureerd ten behoeve van industrieel of tuinbouwkundig gebruik, zijn bestemd voor wetenschappelijke proefnemingen of tests in verband met de kwaliteit van de producten, of door de producent opnieuw worden be- of verwerkt.17
Teruggaaf van accijns wordt tevens verleend voor accijnsgoederen waarvoor aanspraak op vrijstelling zou bestaan wegens gebruik aan boord van schepen en luchtvaartuigen in het verkeer naar een andere lidstaat.18 De vrijstellingen worden verleend aan vergunninghouders van een belastingentrepot, GB of NGB of aan importeurs.
Om handelaren zonder vergunning ook de mogelijkheid te geven accijnsgoederen te leveren zonder dat daarop de accijns drukt, is voorzien in een teruggaafregeling.
De teruggaaf geschiedt aan degene die de levering heeft verricht.19
Bij een verzoek om teruggaaf is het aan de belanghebbende om aan te tonen dat terecht aanspraak wordt gemaakt op die teruggaaf. In de eerste plaats dient steeds de aankoopfactuur van de desbetreffende accijnsgoederen te worden overgelegd.20
Wanneer teruggaaf van accijns wordt gevraagd op de grond dat – naar achteraf zou zijn gebleken – de eigenschappen of kenmerken van het eertijds verhandelde accijnsgoed meebrengen dat in het verleden een te hoog bedrag aan accijns is voldaan, dient de belanghebbende zulks aannemelijk te maken, in die zin dat hij moet aantonen dat het goed indertijd de beweerde eigenschappen en kenmerken had. In een dergelijk geval kan er niet mee worden volstaan dat de belanghebbende die eigenschappen en kenmerken gemotiveerd stelt, waarna het aan de inspecteur is om gemotiveerd te bestrijden dat de zaak die eigenschappen en kenmerken had. Een dergelijk noodzakelijk bewijs, ook bewijs door deskundigen, is achteraf nauwelijks te leveren, omdat de desbetreffende goederen inmiddels waarschijnlijk alle zijn verbruikt en representatieve monsters niet (meer) voorhanden zijn. Er moet immers alles komen vast te staan omtrent de feitelijk door belanghebbende ingevoerde of uitgeslagen accijnsgoederen.21
Voor de teruggaaf van accijns voor accijnsgoederen die zijn overgebracht naar een belastingentrepot of naar het buitenland22, moet de belanghebbende een exemplaar overleggen van de op grond van het douanerecht vereiste aangifte ten uitvoer, waaruit blijkt dat de daarin omschreven goederen hun bestemming hebben bereikt, althans aannemelijk te maken dat de goederen naar het buitenland zijn gebracht dan wel dat zij in entrepot zijn ingeslagen.23