Einde inhoudsopgave
Aanvullen van subjectieve rechten (O&R nr. 109) 2019/15.1.2.4
15.1.2.4 Verschil met andere figuren
mr. drs. T.E. Booms, datum 01-01-2019
- Datum
01-01-2019
- Auteur
mr. drs. T.E. Booms
- JCDI
JCDI:ADS300469:1
- Vakgebied(en)
Vermogensrecht / Algemeen
Voetnoten
Voetnoten
Zie voor voorbeelden van waar dit misgaat Snijders 1991, p. 256; Pitlo/ Reehuis & Heisterkamp 2012, para. 23; Brahn & Reehuis 2015, para. 73; Asser/van Mierlo 2016, para. 400.
Zie bijvoorbeeld Beversluis 2009, p. 8. Zie over de problemen bij deze terminologie Booms 2014, p. 526 en randnummer 475.
Een met art. 6:251 BW vergelijkbare tekst is te vinden in art. 7:948 lid 1 BW, dat grofweg dezelfde rechtsgevolgen beoogt te regelen ten aanzien van rechten uit een verzekeringsovereenkomst voor het geval een verzekerd goed wordt overgedragen. Ik bespreek dit artikel niet apart.
672. Kwalitatieve rechten dienen goed te worden onderscheiden van de kwalitatieve verplichtingen die zijn geregeld in art. 6:252 BW.1 In het eerste geval krijgt degene die de hoedanigheid van rechthebbende van een goed heeft er een recht bij; in het tweede geval moet hij juist een recht van een ander dulden. Het helpt voor het maken van dit onderscheid niet dat beide figuren soms worden geschaard onder de verzamelterm ‘kwalitatieve verbintenissen’.2 Ik bespreek de kwalitatieve verplichtingen in dit onderzoek verder niet.
673. Verder dienen kwalitatieve rechten – die op basis van de wet toeko men aan iemand in de hoedanigheid van rechthebbende van een specifiek goed – te worden onderscheiden van aanspraken die door de overheid worden toebedeeld aan iemand die de hoedanigheid heeft van rechthebbende van een specifiek goed (zie hoofdstuk 13). Ook moeten kwalitatieve rechten worden onderscheiden van aanspraken die op basis van partijafspraak toekomen aan iemand die de hoedanigheid heeft van rechthebbende van een specifiek goed (zie hoofdstuk 17). Het verschil tussen de drie is als volgt. Voor kwalitatieve rechten gelden strenge toepassingsvoorwaarden om te voorkomen dat wordt overgegaan tot gedwongen herverdeling (zie meer uitgebreid paragraaf 15.2). Voor door de overheid toebedeelde aanspraken in hoedanigheid gelden die toepassingsvoorwaarden niet, omdat per definitie sprake is van gedwongen herverdeling (zie paragraaf 13.1.2). Voor aanspraken die partijen zelf verschaffen aan iemand in hoedanigheid is de vraag naar door de overheid opgelegde herverdeling niet aan de orde, omdat alle betrokkenen met de transactie instemmen (zie paragraaf 17.7). De bespreking in dit hoofdstuk heeft alleen betrekking op rechten die op basis van art. 6:251 BW kwalitatief zijn.3