De autonomie van de leraar
Einde inhoudsopgave
De autonomie van de leraar (SteR nr. 64) 2024/5.8.5.5:5.8.5.5 Conclusie
De autonomie van de leraar (SteR nr. 64) 2024/5.8.5.5
5.8.5.5 Conclusie
Documentgegevens:
J.S. Buiting, datum 07-02-2024
- Datum
07-02-2024
- Auteur
J.S. Buiting
- JCDI
JCDI:ADS949521:1
- Vakgebied(en)
Bestuursrecht algemeen (V)
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Het is opvallend dat geen van de hiervoor genoemde zaken over de kennen en kunnen-uitzondering betrekking had op het onderwijs. Dit terwijl aangenomen kan worden dat deze uitzondering was gecreëerd om te regelen dat geen bezwaar en beroep openstond tegen beslissingen over tentamens en examens die worden afgenomen in het reguliere onderwijs. Het gebrek aan ‘onderwijszaken’ op dit gebied kwam doordat een groot deel van de onderwijssectorwetten op de negatieve lijst stond, waardoor beslissingen die op grond van deze wetten genomen werden niet onder de werking van de Wet AROB vielen. Daarnaast valt op dat in alle aangehaalde zaken de Afdeling het beroep niet ontvankelijk verklaarde. Hierdoor werd er door de Afdeling geen rechtsbescherming geboden aan de burger. De besluiten zijn evenwel zeer ingrijpend. De rijinstructeur gaf bijvoorbeeld aan dat hij werkloos zou raken als hij geen rijles meer mocht geven en de bejaarde was van het besluit afhankelijk om opgenomen te kunnen worden in een bejaardenoord.