Het budgetrecht van het Nederlandse parlement
Einde inhoudsopgave
Het budgetrecht van het Nederlandse parlement 2017/3.3.3:3.3.3 Wet houdbare overheidsfinanciën
Het budgetrecht van het Nederlandse parlement 2017/3.3.3
3.3.3 Wet houdbare overheidsfinanciën
Documentgegevens:
mr. M. Diamant, datum 01-09-2017
- Datum
01-09-2017
- Auteur
mr. M. Diamant
- Vakgebied(en)
Staatsrecht (V)
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Wet van 11 december 2013 inzake houdbare financiën van de collectieve sector (Wet houdbare overheidsfinanciën), Stb. 2013, 531. Voor een uitgebreide bespreking van de Wet HOF, zie hoofdstuk 5.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Op 1 januari 2014 is de Wet houdbare overheidsfinanciën (Wet HOF) in werking getreden.1 Deze wet is tot stand gekomen naar aanleiding van de verplichting uit het Europese recht en het in intergouvernementeel verband tot stand gekomen Fiscal Compact om de Europese begrotingsregels op te nemen in nationale (grond)wetgeving. De wet bevat, anders dan artikel 105 Grondwet en de Comptabiliteitswet, ook materiële – inhoudelijke – begrotingsregels. De wet codificeert de eerder in de regeerakkoorden neergelegde uitgangspunten met betrekking tot het trendmatig begrotingsbeleid en codificeert de Europese begrotingsregels. Het is voor het eerst dat in Nederland wettelijk is vastgelegd met welke begrotingsregels rekening moet worden gehouden bij het opstellen van de begroting. De Wet HOF regelt daarnaast ook de positie van het CPB en de Afdeling advisering van de Raad van State in het begrotingsproces in het licht van de Europese eisen.
Bij de inhoud van de regels uit de Wet HOF, de invloed ervan op het budgetrecht en de rol van de Afdeling advisering van de Raad van State in het begrotingsproces, wordt in hoofdstuk 5 uitgebreid stilgestaan.