Onmiddellijke voorzieningen en hun externe werking
Einde inhoudsopgave
Onmiddellijke voorzieningen en hun externe werking (IVOR nr. 118) 2020/2.1:2.1 Inleiding
Onmiddellijke voorzieningen en hun externe werking (IVOR nr. 118) 2020/2.1
2.1 Inleiding
Documentgegevens:
mr. A.C. Faber, datum 16-03-2020
- Datum
16-03-2020
- Auteur
mr. A.C. Faber
- JCDI
JCDI:ADS197028:1
- Vakgebied(en)
Ondernemingsrecht / Rechtspersonenrecht
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
De beslissing om een onmiddellijke voorziening te treffen gaat gepaard met een eigen afweging, die te onderscheiden is van de belangenafweging bij de beslissing over een enquête. De verschillende belangenafwegingen zien niet steeds op soortgelijke belangen van soortgelijke partijen. Bij de selectie van een onmiddellijke voorziening komt een afweging aan de orde van voordelige effecten voor de rechtspersoon tegen nadelige effecten voor de rechtspersoon. De belangenafwegingen komen aan de orde in hfdst. 3.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
[53] Ter toelichting van de onderzoeksvragen is in hoofdstuk 1 uiteengezet, dat de Ondernemingskamer de verwachte effecten van een beoogde onmiddellijke voorziening voor de rechtspersoon inventariseert voordat zij beslist. Het onderzoek begint daarom met de onmiddellijke voorziening en aspecten van de beslissing. De mogelijkheid om onmiddellijke voorzieningen te treffen maakt deel uit van het enquêterecht. In dit hoofdstuk worden het enquêterecht en de enquêteprocedure kort beschreven.
Eigenschappen van de enquêteprocedure die met de aard van het enquêterecht samenhangen komen aan de orde. Een bijzonderheid van het enquêterecht is, dat het gaat om het beleid en de gang van zaken van een rechtspersoon. Dat brengt mee dat de rechtspersoon een aparte plaats heeft in de procedure. Een enquêteverzoek kan worden toegewezen als blijkt van gegronde redenen om aan een juist beleid of juiste gang van zaken van de rechtspersoon te twijfelen. De beslissing van de Ondernemingskamer op het verzoek gaat gepaard met een belangenafweging. Bij die afweging zal iets uitvoeriger worden stilgestaan.1 De belangen van de rechtspersoon wegen zwaar in het enquêterecht. Dat heeft consequenties voor de beslisruimte die de rechter heeft en voor de partijautonomie.