De kosten van de enquêteprocedure
Einde inhoudsopgave
De kosten van de enquêteprocedure (VDHI nr. 177) 2022/8.5.3:8.5.3 Bewijskracht van het onderzoeksverslag
De kosten van de enquêteprocedure (VDHI nr. 177) 2022/8.5.3
8.5.3 Bewijskracht van het onderzoeksverslag
1
Documentgegevens:
mr. P.H.M. Broere, datum 12-05-2022
- Datum
12-05-2022
- Auteur
mr. P.H.M. Broere
- JCDI
JCDI:ADS652416:1
- Vakgebied(en)
Ondernemingsrecht (V)
Ondernemingsrecht / Rechtspersonenrecht
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Deze paragraaf is deels ontleend aan Broere 2017.
HR 5 december 2003 (r.o. 3.4), NJ 2004/75 (Braam/Standvast Wonen).
Zo ook Hermans 2003, p. 119; Hermans 2017, p. 19; Oosterhoff 2022, p. 1257. Zie ook Olden (onder 2) in zijn annotatie bij Rb. Midden-Nederland 18 juni 2020, JOR 2021/34 (De Leege Landen).
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Bewijs kan in beginsel door alle middelen rechtens worden geleverd en de waardering van het gepresenteerde bewijs is aan het oordeel van de rechter overgelaten, zo volgt uit art. 152 Rv. Uitgezonderd van deze vrije bewijsleer is het dwingend bewijs als bedoeld in art. 151 Rv, waarbij de rechter niet vrij is in zijn waardering. Art. 157 lid 2 Rv kent aan onderhandse akten dwingende bewijskracht toe. De onderhandse akte levert echter slechts dwingend bewijs op ten behoeve van de wederpartij, dat wil zeggen degene die in de akte als zodanig is aangewezen of degene te wiens behoeve de ondertekenaar van de akte zich blijkens de tekst daarvan heeft verbonden.2 Dat is in de enquêteprocedure de rechtspersoon die voorwerp van onderzoek is. Bestuurders en commissarissen die worden betrokken in een aansprakelijkheidsprocedure zijn geen partij als bedoeld in art. 157 lid 2 Rv; voor hen is het voorgaande dus zonder betekenis. Bestuurders en commissarissen die bevindingen van de onderzoeker niet of onvoldoende bestrijden kunnen zich in een aansprakelijkheidsprocedure in beginsel alsnog of opnieuw tegen deze bevindingen verzetten.3
Art. 156 lid 1 Rv definieert akten als ondertekende geschriften, bestemd om tot bewijs te dienen. Akten zijn een vorm van schriftelijk bewijs. Het onderzoeksverslag is geen authentieke akte, nu het niet voldoet aan de door art. 156 lid 2 Rv daaraan gestelde vereisten. Wel wordt het onderzoeksverslag door de onderzoeker ondertekend en dient het als bewijsmiddel in de tweede fase procedure, waarmee het kwalificeert als onderhandse akte.4