Splitsing in de Wet op de vennootschapsbelasting 1969
Einde inhoudsopgave
Splitsing in de Wet op de vennootschapsbelasting 1969 (FM nr. 171) 2021/2.7.3:2.7.3 Houders van bijzondere rechten tegenover de splitsende rechtspersoon
Splitsing in de Wet op de vennootschapsbelasting 1969 (FM nr. 171) 2021/2.7.3
2.7.3 Houders van bijzondere rechten tegenover de splitsende rechtspersoon
Documentgegevens:
Mr. dr. G.C. van der Burgt, datum 29-11-2021
- Datum
29-11-2021
- Auteur
Mr. dr. G.C. van der Burgt
- JCDI
JCDI:ADS491656:1
- Vakgebied(en)
Vennootschapsbelasting (V)
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Zie hierover Boschma & Schutte-Veenstra, Tekst & Commentaar Ondernemingsrecht, commentaar op art. 2:334p BW, aantekening 2 (bijgewerkt 1-7-2021).
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Art. 2:334p, lid 1, BW bepaalt dat houders van een bijzondere recht tegenover de splitsende rechtspersoon, zoals winstbewijshouders, optiehouders en converteerbare obligatiehouders, zodanige rechten moeten verkrijgen in de verkrijgende rechtspersonen of een schadeloosstelling. Een splitsing biedt dus de mogelijkheid dergelijke houders van bijzondere rechten uit te kopen.1