Einde inhoudsopgave
Re-integratie zieke werknemer (MSR nr. 66) 2014/7.6.1
7.6.1 Ontslagrecht in grote lijnen
mr.dr. G.A. Diebels, datum 24-09-2014
- Datum
24-09-2014
- Auteur
mr.dr. G.A. Diebels
- JCDI
JCDI:ADS579188:1
- Vakgebied(en)
Arbeidsrecht / Europees arbeidsrecht
Rechtswetenschap / Algemeen
Sociale zekerheid arbeidsongeschiktheid / Re-integratie
Arbeidsrecht / Arbeidsovereenkomstenrecht
Voetnoten
Voetnoten
BAG 30 mei 1978, 2 AZR 630/76, bijvoorbeeld herhaald in BAG 26 januari 1995, 2 AZR 649/94.
§ 1 lid 2, tweede en derde volzin KSchG.
§ 620 lid 1 BGB. De arbeidsovereenkomst met een eindleeftijd wordt door het BAG gezien als een arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd, BAG 27 november 2002, EzA §620 BGB 2002 nr. 1.
§ 620 lid 1 BGB en § 15 lid 1 en 4 Teilzeit- und Befristungsgesetz (TzBfG). Dat kan een kalendertermijn zijn, maar ook volgen uit de ‘Beschaffenheit’ of de ‘Zweck der Dienste’ (§ 620 lid 2 BGB en § 15 lid 2 TzBfG).
§ 15 lid 3 TzBfG.
§ 14 lid 1 TzBfG, met een opsomming van voorbeelden.
§ 14 lid 2, 2a en 3 TzBfG. De regeling voor 52-jarigen is tot stand gekomen met in achtneming van Europese gelijke behandelingsrechtspraak.
§ 625 BGB, de voortzetting moet wel gebeuren met Wissen door de ander.
Ook wel ‘fristlose Kündigung’ genoemd.
Hanau/Adomeit, p.237.
Net als in Nederland is in Duitsland uitdrukkelijk het beginsel van ontslag als laatste middel benoemd. Dit zgn. ultima ratio-principe (ook wel ‘Verhältnismäßigkeit’ genoemd) is in 1978 door het BAG aangenomen, met een duidelijke verwijzing naar grondrechtelijke proportionaliteits- en subsidiariteitsgedachten.1 In het Kündigungsschutzgesetz (KSchG) dat de ontslagbescherming regelt, is uitdrukkelijk opgenomen dat de werkgever in ontslagkwesties moet kunnen aantonen dat hij de werknemer niet kon herplaatsen, ook niet na her- of omscholing of met aanpassing van de arbeidsvoorwaarden.2 Het ontslagrecht wordt in Duitsland primair benaderd vanuit de overeenkomst, gebaseerd op het BGB. Dat kent de arbeidsovereenkomst voor bepaalde (befristeter) en onbepaalde (unbefristeter) tijd.3
Een arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd kan alleen schriftelijk worden aangegaan. Voor beëindiging hoeft het niet te worden opgezegd want het contract eindigt van rechtswege na het verstrijken van de overeengekomen tijd.4 Een bepaalde tijd contract kan niet tussentijds worden opgezegd tenzij dat is overeengekomen.5 Een arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd is niet altijd toegestaan; er moet een ‘sachlichen Grund’ voor bestaan.6 Uitzonderingen op die eis bestaan voor de eerste twee jaar (waarbinnen drie verlengingen voor bepaalde tijd mogelijk zijn), voor de eerste vier jaar bij nieuwe ondernemingen (waarbinnen meerdere verlengingen mogelijk zijn) en voor de eerste vijf jaar bij werknemers van 52 jaar en ouder die onmiddellijk voorafgaand aan indiensttreding ten minste vier maanden ‘beschäftigungslos’ waren (met wie binnen die duur onbeperkt verlengingen kunnen worden overeengekomen).7 Bij een stilzwijgende verlenging ontstaat een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd tenzij de ander die onverwijld weerspreekt.8
De beëindiging van de arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd verloopt in beginsel via dezelfde systematiek als bij andere duurovereenkomsten. Dat gebeurt eenzijdig via opzegging (‘Kündigung’), die zowel ordentlich als außerordentlich9 kan gebeuren of meerzijdig met een nadere overeenkomst (‘Aufhebungsvertrag’). Voor werknemersopzeggingen is het systeem overzichtelijk, maar voor de werkgever zijn er allerlei beperkingen rond een opzegging of een Aufhebungsvertrag, voortvloeiend uit de gedachte van ongelijkheidscompensatie.10