Het akkoord
Einde inhoudsopgave
Het akkoord (O&R nr. 60) 2011/3.4.1:3.4.1 Inleiding
Het akkoord (O&R nr. 60) 2011/3.4.1
3.4.1 Inleiding
Documentgegevens:
Mr. A.D.W. Soedira, datum 25-02-2011
- Datum
25-02-2011
- Auteur
Mr. A.D.W. Soedira
- JCDI
JCDI:ADS449772:1
- Vakgebied(en)
Insolventierecht / Algemeen
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Zie voor de inhoud van een akkoord hoofdstuk 4.
Zie paragraaf 4.2.
In gelijke zin Wessels, Insolventierecht VI, derde druk, 2010, par. 6017. Echter niet in de zin van art. 6:279 lid 1 BW, omdat niet kan worden gezegd dat de schuldeisers jegens de schuldenaar een verbintenis op zich nemen.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
In de voorgaande paragrafen is naar voren gekomen dat het akkoord ondanks al zijn bijzonderheden als een overeenkomst kan worden beschouwd. De vraag is vervolgens met wat voor een soort van overeenkomst we te maken hebben. En in het verlengstuk hiervan de vraag of de regels uit het Burgerlijk Wetboek van toepassing kunnen zijn op het akkoord. De regeling van het akkoord heeft zijn neerslag gekregen in de Faillissementswet.1 Dat neemt niet weg dat de mogelijkheid bestaat dat de algemene gedeelten van het Burgerlijk Wetboek van toepassing kunnen zijn op het akkoord.
Om een antwoord te kunnen geven op de vraag hoe een akkoord als overeenkomst nader kan worden getypeerd, is het nodig om vooruit te lopen op de mogelijke inhoud van een akkoord.2 De meeste akkoorden die in de rechtspraktijk worden gesloten, zijn de zogenaamde percentage-akkoorden.3 Dit zijn - kort gezegd - akkoorden, waarbij de schuldenaar met zijn schuldeisers overeenkomt dat hij slechts een gedeelte van hun vorderingen zal voldoen. Hoewel de schuldenaar is gehouden het akkoordpercentage aan de schuldeisers te voldoen en de concurrente schuldeisers daarmee genoegen nemen, kan niet worden gezegd dat de schuldeisers een verbintenis op zich nemen. Dit betekent dat een akkoord geen wederkerige overeenkomst is in de zin van art. 6:261 lid 1 BW, maar een eenzijdige overeenkomst. Daarnaast is het, omdat er méér dan twee partijen bij betrokken zijn, een meerpartijenovereenkomst.4 Ingevolge art. 6:213 lid 2 BW zijn de wettelijke bepalingen betreffende overeenkomsten voor zover het de afdelingen 1-4 betreft, van toepassing op een meerpartijenovereenkomst, tenzij de strekking van de betrokken bepalingen in verband met de aard van de overeenkomst zich daartegen verzet. Voor het akkoord betekent dit, dat de algemene regels van het overeenkomstenrecht van toepassing kunnen zijn, voor zover de Faillissementswet niet in eigen, specifieke regels voorziet en voor zover deze algemene regels van overeenkomstenrecht stroken met de aard en strekking van het akkoord.