Bedrijfswaarde (FM)
Einde inhoudsopgave
Bedrijfswaarde (FM nr. 83) 1997/6.6.2:6.6.2 Waardering voorraden
Bedrijfswaarde (FM nr. 83) 1997/6.6.2
6.6.2 Waardering voorraden
Documentgegevens:
G.Th.K. Meussen, datum 07-10-1997
- Datum
07-10-1997
- Auteur
G.Th.K. Meussen
- JCDI
JCDI:ADS347980:1
- Vakgebied(en)
Vennootschapsbelasting / Algemeen
Inkomstenbelasting / Algemeen
Inkomstenbelasting / Winst
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Allereerst dient de vraag beantwoord te worden in hoeverre er sprake is van zelfstandige vruchtdragers. Hierbij kan met name gedacht worden aan onroerende zaken die als (tijdelijke) belegging worden gehouden. In dit geval volgt waardering tegen de opbrengstwaarde.
Voorraden worden uitsluitend op bedrijfswaarde gewaardeerd indien verwacht wordt dat de bedrijfsuitoefening zal worden gestaakt. Bij overtollige voorraden en bij onmiddellijke staking van de ondernemingsactiviteit dient waardering tegen de opbrengstwaarde plaats te vinden. Is dit niet het geval dan dient waardering tegen historische kostprijs of lagere marktwaarde plaats te vinden. Daarbij dient onder marktwaarde de maatstaf van de inkoopwaarde te worden verstaan. Bij waardering op lagere marktwaarde ontstaat dus een verlies door daling van de marktinkoopprijs van het desbetreffende goed en niet door daling van de marktverkoopprijs.
Waardering van voorraden uitsluitend tegen marktwaarde is niet toegestaan. Er wordt wel een uitzondering gemaakt in geval van een beleggingsmaatschappij. Deze mag op grond van art. 2:401, eerste lid Burgerlijk Wetboek zijn beleggingen tegen marktwaarde waarderen. Het gevolg hiervan is dat op de onroerende zaken geen stelselmatige afschrijving plaatsvindt.
Een woord nog omtrent de onderrentabiliteit van de onderneming. Deze vormt geen reden voor een lagere waardering van voorraden.