Klachtdelicten
Einde inhoudsopgave
Klachtdelicten (SteR nr. 65) 2024/6.3:6.3 De positie van de klachtgerechtigde in verhouding tot de groeiende rol van het slachtoffer
Klachtdelicten (SteR nr. 65) 2024/6.3
6.3 De positie van de klachtgerechtigde in verhouding tot de groeiende rol van het slachtoffer
Documentgegevens:
J.L.F. Groenhuijsen, datum 13-02-2024
- Datum
13-02-2024
- Auteur
J.L.F. Groenhuijsen
- JCDI
JCDI:ADS946170:1
- Vakgebied(en)
Bestuursrecht algemeen (V)
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Kooijmans 2011, p. 65.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Hiervoor is gebleken dat de positie van het slachtoffer in het strafproces in de loop der jaren aanzienlijk is versterkt. Dit komt onder meer tot uiting door het toebedelen van meer wettelijke rechten aan het slachtoffer, maar is daartoe niet beperkt. Kooijmans schreef in dit verband dat de rechtspraktijk zich zal “moeten zetten naar de nieuwe positie die het slachtoffer toekomt”, vooral via beleidsmatige inspanningen en een veranderde grondhouding die is gericht op een correcte bejegening van het slachtoffer en die eraan bijdraagt dat het slachtoffer zijn belangen optimaal kan behartigen. De nieuwe positie van het slachtoffer in het strafproces heeft volgens Kooijmans dan ook niet alleen gevolgen voor het slachtoffer zelf maar maakt dat de rechtsbetrekking tussen het openbaar ministerie en het slachtoffer feitelijk handen en voeten moet worden gegeven. 1Dit komt ook tot uitdrukking in het beginsel dat men in art. 1.1.4 voornemens is toe te voegen aan het nieuwe Wetboek van Strafvordering. Daarin wordt vastgelegd dat strafvordering uitsluitend plaatsheeft op een wijze die recht doet aan de belangen van het slachtoffer. In het navolgende wordt onderzocht of en in hoeverre de positie van een klachtgerechtigde – als een bijzonder soort slachtoffer – meebeweegt met de tendens dat het belang van het slachtoffer een steeds centralere toekomt in de strafrechtspleging. Daarbij komt ook aan bod of en in welke mate de veranderende positie van het slachtoffer in het strafproces aanleiding geeft om de regeling van klachtdelicten – en de wijze waarop daaraan in de rechtspraktijk uitvoering wordt gegeven – te herijken.
6.3.1 De belangenafweging bij het aanwijzen en vervolgen van klachtdelicten6.3.2 Het verwijderen en behouden van termijnen aangaande de klacht6.3.3 Het te gelde kunnen maken van het gegeven klachtrecht6.3.4 De relativering van rechtsregels die verband houden met klachtdelicten