Einde inhoudsopgave
Bedrijfswaarde (FM nr. 83) 1997/9.4
9.4 Verenigd Koninkrijk
G.Th.K. Meussen, datum 07-10-1997
- Datum
07-10-1997
- Auteur
G.Th.K. Meussen
- JCDI
JCDI:ADS346758:1
- Vakgebied(en)
Vennootschapsbelasting / Algemeen
Inkomstenbelasting / Algemeen
Inkomstenbelasting / Winst
Voetnoten
Voetnoten
Een afschrijving van 4% per jaar over de aanschafwaarde impliceert een afschrijvingstermijn van 25 jaar.
In de weergave van het International Bureau of Fiscal Documentation.
Indien het betreffende activum wordt verkocht, vernietigd of gesloopt.
In de weergave van het International Bureau of Fiscal Documentation.
Overigens zijn alleen natuurlijke personen onderworpen aan een afzonderlijke belasting over de zogenaamde `capital gains' (=belastbare vermogenswinsten) op basis van de Taxation of Chargeable Gains Act 1992 (TCGA 1992). Bij rechtspersonen valt de belastingheffing over 'capita] gains' binnen de reguliere heffing van vennootschapsbelasting conform de Income and Corporation Act 1988 (ICTA 1988). Deze belastingwetten worden jaarlijks geamendeerd en uitgebreid door middel van de jaarlijks weerkerende Finance Act (FA).
De fiscale wetgeving in het Verenigd Koninkrijk kent het verschijnsel 'bedrijfswaarde' in zijn geheel niet. Maar hoe wordt aldaar een verlies ingevolge waardevermindering van een actief geëffectueerd? De Capital Allowance Act (CAA 1990), een consolidatie van vergelijkbare oudere wetgeving, belichaamt relevante wetgeving met betrekking tot afschrijving van vaste activa:
In het jaar van verwerving is afschrijving tot 100% mogelijk ten aanzien van kapitaaluitgaven betreffende wetenschappelijk onderzoek, investeringen in nieuwe en bestaande industriële gebouwen, hotels en nieuwe niet-industriële commercieel gebruikte gebouwen (allen gelegen in door de Staat aangewezen economische ontwikkelingsgebieden, zogenaamde `enterprise zones').
Een lineaire afschrijving van 4% per jaar is van toepassing op gebouwen. Wanneer een gebruikt gebouw gekocht wordt, kan het verschil tussen aanschafwaarde en residuwaarde in de van voormelde periode van 25 jaar1 nog resterende jaren worden afgeschreven, hetgeen tot een veel hoger afschrijvingspercentage dan 4 kan leiden. Een lineaire afschrijving van 4% per jaar is eveneens toegestaan voor hotels alsmede gebouwen en werken gebruikt voor landbouw- en bosbouwwerkzaamheden.
Afschrijving is niet toegestaan voor uitgaven op het gebied van goodwill, merkrechten, grond en niet-industriële gebouwen zoals kantoren en showrooms.
Voor investeringen in machines en andere roerende zaken (`plants') waaronder uiteenlopende 'zaken' als bijvoorbeeld paarden, computersoftware, films, videobanden, discs, etc., geldt een afschrijving van 25% per jaar. Indien dergelijke bedrijfsmiddelen echter op een lange-termijn basis verhuurd worden aan personen die buiten het bereik van de Engelse `corporation tax' vallen, wordt dit percentage teruggebracht naar 10. Tot slot: voor schepen geldt een afschrijving van 25% per jaar.
De Capital Allowance Act 1990 (Sec. 26)2 geeft aan dat onder omstandigheden naast de normale afschrijving een additionele verliesneming is toegestaan: 'When the trade (or leasing activity) is permanently discontinued, plant held at the date of discontinuance is regarded as having been sold at market value (or at original cost, if lower) and any difference between its tax written-down value and its market value is deducted or taxed (as the case may be) by way of balancing adjustment. In practice, however, where the plant is sold within a reasonable time after the discontinuance, the actual sale proceeds are substituted for market value.'
Is in dit citaat toch zoiets te beproeven van een waardering op lagere bedrijfswaarde? Het lijkt er in ieder geval op dat de `market value' moet worden geïnterpreteerd als directe opbrengstwaarde op de verkoopmarkt. Opvallend is wel dat een dergelijke wijze van verliesneming overigens slechts in beeld komt voor zover de desbetreffende bedrijfsactiviteit wordt beëindigd.
Dat afschrijvingen onder bepaalde omstandigheden3 wel ongedaan kunnen worden gemaakt, en dat een daarboven uitstijgende opbrengst niet onder de inkomstenbelasting maar onder de vermogenswinstbelasting (capital gain tax) valt, toont het volgende citaat uit de Capital Allowance Act 19904: 'When an asset is disposed of, destroyed, or scrapped, there is an adjustment by reference to proceeds received, so that only the net cost of the asset to the trader is effectively allowed for tax purposes. Any excess of proceeds over cost is excluded from the capital allowance computation but is normally liable to capital gains tax5.
Precies zoals in Frankrijk en Zweden kunnen fiscaal gezien in het Verenigd Koninkrijk voorzieningen worden getroffen op het gebied van onder meer dubieuze en oninbare debiteuren, veroudering van voorraden en aansprakelijkheden. Verliesneming op vaste of vlottende activa in de vorm van een passiefpost is niet mogelijk.
Conclusie
Het verschijnsel `bedrijfswaarde' is in het Verenigd Koninkrijk onbekend. Een niet gerealiseerd verlies op een vast activum kan fiscaal niet in aanmerking worden genomen met uitzondering van de situatie van bedrijfsbeëindiging of staking van de desbetreffende bedrifflactiviteit.