Klachtdelicten
Einde inhoudsopgave
Klachtdelicten (SteR nr. 65) 2024/3.2.1.2.0:3.2.1.2.0 Introductie
Klachtdelicten (SteR nr. 65) 2024/3.2.1.2.0
3.2.1.2.0 Introductie
Documentgegevens:
J.L.F. Groenhuijsen, datum 13-02-2024
- Datum
13-02-2024
- Auteur
J.L.F. Groenhuijsen
- JCDI
JCDI:ADS946203:1
- Vakgebied(en)
Bestuursrecht algemeen (V)
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Klachtdelicten zijn die strafbepalingen waarbij in de wettekst expliciet is toegevoegd dat (een bepaalde groep verdachten van) dit soort feiten slechts op klacht wordt vervolgd. In Boek II van het Wetboek van Strafrecht is bepaald welke misdrijven als (absoluut dan wel relatief) klachtdelict gelden. Geen van de overtredingen in Boek III is als klachtdelict aangemerkt.1 Het nadeel van het slachtoffer is bij dit soort feiten te gering geacht om een klachtvereiste te overwegen.2 Het voorgaande kan tot de gedachte leiden dat in één oogopslag duidelijkheid bestaat over de vraag welke delicten formeel als klachtdelict gelden. Dit is echter niet zonder meer het geval, omdat het gebruik van schakelbepalingen leidt tot ongerijmdheden in de wetgeving. Daaraan wordt in paragraaf 2.1.3 meer uitgebreid aandacht besteed.
In de hierna weergegeven tabel zijn alle strafbepalingen opgenomen die mijns inziens als klachtdelict hebben te gelden. Daarbij is bijvoorbeeld art. 322a Sr afzonderlijk vermeld. Dit betreft het plegen van (al dan niet gekwalificeerde) verduistering met het oogmerk een terroristisch misdrijf voor te bereiden of gemakkelijk te maken. Aan deze strafbepaling wordt onvoldoende recht gedaan indien uitsluitend verduistering als klachtdelict in het overzicht wordt opgenomen en vermelding van art. 322a Sr (als niet meer dan een strafverzwarende omstandigheid) achterwege zou blijven. Het terroristische oogmerk betreft een subjectieve omstandigheid die (als bestanddeel) bijdraagt aan de materiële gedraging die strafbaar is gesteld. Het betreffende oogmerk maakt dat deze strafbaarstelling zich onderscheidt binnen het totaal aan (verboden) verduisteringsgedragingen en afzonderlijk vermelding verdient in het overzicht van klachtdelicten. Bovendien raakt het terroristische oogmerk aan de beschermde rechtsbelangen en is dit zodoende wezenlijk van belang voor de weging van belangen die bij klachtdelicten centraal staat. Daarop wordt in paragraaf 2.1.3.3 nader ingegaan.
In het overzicht van klachtdelicten is daarentegen ook een aantal strafbepalingen niet opgenomen, terwijl deze ook onder het bereik vallen van schakelbepalingen, waardoor het relatieve klachtvereiste van toepassing is op de strafbepalingen in de desbetreffende titels. Zo ontbreken in het overzicht een aantal misdrijven uit titels XXIV en XXV, ondanks dat de misdrijven in deze titels via de schakelbepalingen neergelegd in art. 324 Sr en art. 338 Sr onder het bereik van art. 316 lid 2 Sr vallen. Alle in deze titels gelegen strafbepalingen zouden dus formeel als relatieve klachtdelicten kunnen worden aangeduid. Ik meen echter dat een aantal van de in die titels vervatte misdrijven niet als relatief klachtdelict heeft te gelden, omdat die strafbare feiten niet kunnen worden gepleegd tegen de in art. 316 lid 2 Sr aangewezen personen. Het gaat bijvoorbeeld om feiten die slechts tegen (overheids)instanties of tegen de Staat kunnen worden gepleegd (art. 323a, 328quater en 332 Sr) en feiten die tegen niemand in het bijzonder worden gepleegd (art. 334 en 336 Sr). Bij al die feiten is nooit sprake van de in art. 316 lid 2 Sr bedoelde familiaire relatie tussen dader en slachtoffer die maakt dat de mogelijkheid tot vervolging afhankelijk wordt van een klacht. Het klachtvereiste is bij deze feiten dus niet relatief, maar is gelet op de inhoud van de strafbaarstelling materieel onbestaanbaar. Hoewel die strafbepalingen dus strikt genomen onder het bereik vallen van bepalingen die een relatief klachtvereiste toevoegen, is het gelet op de materiële inhoud van de strafbepalingen zuiverder om deze strafbare feiten niet te duiden als relatieve klachtdelicten.
In lijn met het voorgaande is hieronder een overzicht gevoegd met de 51 strafbepalingen die mijns inziens hebben te gelden als absoluut dan wel relatief klachtdelict, waarna een toelichting volgt bij een aantal (groepen) wetsbepalingen dat onderdeel uitmaakt van dit overzicht.