Einde inhoudsopgave
RvdW 2026/224
Medeplegen beroeps- en/of bedrijfsmatig opzettelijk vervalste merkkleding in voorraad hebben (meermalen gepleegd), art. 337 lid 1 jo. art. 337 lid 3 Sr. 1. Kon hof het vonnis van Rb ‘kaal’ bevestigen, nu daarin inhoud van redengevende bewijsmiddelen niet is weergegeven? 2. Kwalificatieklacht. Kon hof het bewezenverklaarde kwalificeren als ‘meermalen gepleegd’? HR: art. 81 lid 1 RO. Samenhang met RvdW 2026/223.
HR 13-01-2026, ECLI:NL:HR:2026:37
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
13 januari 2026
- Magistraten
Mrs. V. van den Brink, T. Kooijmans, F. Damsteegt
- Zaaknummer
23/02765
- Conclusie
A-G mr. P.M. Frielink
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- Vakgebied(en)
Materieel strafrecht / Delicten Wetboek van Strafrecht
Strafprocesrecht / Terechtzitting en beslissingsmodel
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2026:37, Uitspraak, Hoge Raad, 13‑01‑2026
ECLI:NL:PHR:2025:1346, Conclusie, Hoge Raad (Parket), 09‑12‑2025
Essentie
Medeplegen beroeps- en/of bedrijfsmatig opzettelijk vervalste merkkleding in voorraad hebben (meermalen gepleegd), art. 337 lid 1 jo. art. 337 lid 3 Sr. 1. Kon hof het vonnis van Rb ‘kaal’ bevestigen, nu daarin inhoud van redengevende bewijsmiddelen niet is weergegeven? 2. Kwalificatieklacht. Kon hof het bewezenverklaarde kwalificeren als ‘meermalen gepleegd’? HR: art. 81 lid 1 RO. Samenhang met RvdW 2026/223.
Partij(en)
HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
STRAFKAMER
Nummer 23/02765
Datum 13 januari 2026
ARREST
op het beroep in cassatie tegen een arrest van het gerechtshof 's-Hertogenbosch ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.