Einde inhoudsopgave
RvdW 2026/215
Procesrecht. Grenzen van rechtsstrijd na cassatie en verwijzing. Retentierecht. Vervolg op HR 23 juni 2023, NJ 2024/101.
HR 16-01-2026, ECLI:NL:HR:2026:54
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
16 januari 2026
- Magistraten
Mrs. G. de Groot, M.J. Kroeze, C.E. du Perron, F.J.P. Lock, G.C. Makkink
- Zaaknummer
24/04233
- Conclusie
A-G mr. T. Hartlief
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- Vakgebied(en)
Burgerlijk procesrecht / Algemeen
Goederenrecht / Zekerheidsrechten
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2026:54, Uitspraak, Hoge Raad, 16‑01‑2026
ECLI:NL:PHR:2025:1064, Conclusie, Hoge Raad (Parket), 03‑10‑2025
Beroepschrift, Hoge Raad, 20‑11‑2024
- Wetingang
Essentie
Procesrecht. Grenzen van rechtsstrijd na cassatie en verwijzing. Retentierecht. Vervolg op HR 23 juni 2023, NJ 2024/101.
Samenvatting
Na cassatie en verwijzing zet de rechter naar wie het geding is verwezen de behandeling daarvan voort en hij beslist met inachtneming van de uitspraak van de Hoge Raad (art. 424 Rv). De verwijzingsrechter is gebonden aan alle in cassatie niet of tevergeefs bestreden eindbeslissingen uit de uitspraak waartegen cassatieberoep was ingesteld (vgl. HR 24 december 2010, NJ 2011/16). In eerste aanleg zijn alle vorderingen van verweerster afgewezen. In hoger beroep heeft ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.