De agenda en het agenderingsrecht bij kapitaalvennootschappen
Einde inhoudsopgave
De agenda en het agenderingsrecht bij kapitaalvennootschappen (VDHI nr. 176) 2022/5.2.3.3:5.2.3.3 Motiveren van een voorstel voor een besluit
De agenda en het agenderingsrecht bij kapitaalvennootschappen (VDHI nr. 176) 2022/5.2.3.3
5.2.3.3 Motiveren van een voorstel voor een besluit
Documentgegevens:
mr. E.J. Breukink, datum 15-04-2022
- Datum
15-04-2022
- Auteur
mr. E.J. Breukink
- JCDI
JCDI:ADS649753:1
- Vakgebied(en)
Ondernemingsrecht (V)
Ondernemingsrecht / Corporate governance
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
MüKoAktG/Kubis 2018, § 122, nr. 32.
Kamerstukken II 2008/09, 31 746, nr. 3 (MvT), p. 24.
Zie voor kritische kanttekeningen bij de overweging Peters & Eikelboom 2017, m.n. p. 5022.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Opvallend is dat de Aandeelhoudersrichtlijn bepaalt dat het aangedragen onderwerp ofwel gemotiveerd moet zijn, ofwel vergezeld moet gaan van een ontwerpresolutie. Het aangedragen punt dat is voorzien van een ontwerpresolutie hoeft kennelijk niet gemotiveerd te zijn.1 De minister legt dit zo uit dat door de verplichting het aangedragen onderwerp te motiveren (i) de kapitaalverschaffer inzicht moet geven in de beweegredenen van zijn verzoek, en (ii) het voor het bestuur mogelijk is om de agenda goed en helder te formuleren. Een ontwerpbesluit voorziet volgens de minister in dezelfde behoeften omdat het voldoende duidelijk zal zijn welk doel de kapitaalverschaffer wenst te bereiken.2 Een ontwerpbesluit hoeft volgens de minister aldus niet nader gemotiveerd te worden. In de praktijk zal dit desalniettemin toch steeds gebeuren omdat uit rechtspraak kan worden opgemaakt dat (het gebrek aan) de motivering van een voorgesteld ontwerpbesluit een rol kan spelen bij de beoordeling of het bestuur het punt met recht van de agenda heeft gehouden. Ik doel op r.o. 3.28 van OK 29 mei 2017, ECLI:NL:GHAMS:2017:1965, JOR 2017/261, m.nt. Bulten (Elliott c.s./AkzoNobel). De OK overweegt hier dat het voor de hand ligt dat met het agenderen van het ontslag van de president-commissaris in wezen niet beoogd wordt zijn individuele functioneren ter discussie te stellen (hetgeen Elliott c.s. betoogden), maar geprobeerd wordt om AkzoNobel te bewegen een bepaalde strategische beslissing te nemen. Het bestuur mocht volgens de OK (mede) daarom het voorstel tot ontslag van de president-commissaris van de agenda houden.3 Wordt nu een niet-gemotiveerd voorstel voor een besluit aangedragen dan zou het bestuur, onder verwijzing naar r.o. 3.28 van OK Elliot/AkzoNobel, kunnen betogen dat voor een beoordeling van het agenderingsverzoek de intenties van de verzoeker geëvalueerd moeten kunnen worden, hetgeen moeilijk, zo niet onmogelijk is als een motivering ontbreekt. De agenderingsgerechtigde kapitaalverschaffer doet er aldus verstandig aan om, ondanks dat de wet hem er niet expliciet toe verplicht, ook een ontwerpbesluit te motiveren.