Einde inhoudsopgave
Fiscale geheimhoudingsplicht: art. 67 AWR ontrafeld (FM nr. 168) 2021/1.4.5.6
1.4.5.6 Duurzame inpasbaarheid binnen de (fiscale) structuur
Dr. B.M. van der Sar, datum 05-05-2021
- Datum
05-05-2021
- Auteur
Dr. B.M. van der Sar
- JCDI
JCDI:ADS285542:1
- Vakgebied(en)
Invordering / Algemeen
Fiscaal bestuursrecht / Informatieverplichting
Invordering / Inlichtingenverplichting
Fiscaal bestuursrecht / Algemeen
Fiscaal bestuursrecht / Bezwaarfase
Voetnoten
Voetnoten
Nota Zicht op wetgeving (1991), blz. 29. Hoewel dit in de nota Zicht op wetgeving (1991) is omschreven als onderlinge afstemming komt duurzame inpasbaarheid binnen de (fiscale) structuur concreter en dwingender over (gedeeltelijk ontleend aan: W.A. Vermeend, Instrumentalisering van het belastingrecht, WFR 1996/209).
Gribnau spreekt van verenigbaarheid met het bestaande rechtssysteem (Gribnau 2006, blz. 65).
Gribnau 2006, blz. 50. Een flexibele norm maakt een verdere rechtsontwikkeling mogelijk zonder dat een voortdurende aanpassing van de wettelijke norm aan de actualiteit nodig is (Gribnau 2006, blz. 47).
Nota Zicht op wetgeving (1991), blz. 23.
Nota Zicht op wetgeving (1991), blz. 39-40.
J.L.M. Gribnau, A.O. Lubbers en H. Vording, Verbetering van de kwaliteit van (de uitvoering van) fiscale regelgeving door terugkoppeling, WFR 2009/675. Een evaluatie kan uiteraard niet om de vraag heen of de regeling wellicht toch nog minder complex zou kunnen zijn (Gribnau 2006, blz. 43).
Een regeling waarbij onderlinge afstemming met andere regels binnen het rechtstelsel achterwege is gelaten kan leiden tot inconsistenties en onnodige fricties.1 Een wettelijke regeling vormt het resultaat van afwegingen waarbij voor– en nadelen van verscheidene alternatieven zijn afgewogen.2 Uiteraard moet belastingwetgeving voldoende flexibel zijn om in te kunnen spelen op (komende) maatschappelijke ontwikkelingen, maar instabiele regelingen doen afbreuk aan de betrouwbaarheid en het gezag van de wetgever.3 Continuïteit in en bestendigheid van de regels zijn van belang voor de rechtszekerheid en daarmee voor de doeltreffendheid daarvan.4 Dit neemt niet weg dat de wetgever bij het ontwerpen van een wettelijke regeling zich rekenschap dient te geven van de wijze waarop wordt geëvalueerd.5 Evaluatie kan immers een bijdrage leveren aan de verbetering van de kwaliteit van die regelgeving en de uitvoering daarvan.6 Concreet betekent dit:
de doelstelling van de regelgeving past binnen de (fiscale) structuur;
de regelgeving is uitvoerbaar binnen de (fiscale) structuur;
de regelgeving is duurzaam;
de regelgeving wordt geëvalueerd.