Einde inhoudsopgave
Onwaardigheid (AN nr. 182) 2023/5.9.1
5.9.1 Van de nalatenschap uitgesloten
mr. M. de Vries, datum 01-09-2023
- Datum
01-09-2023
- Auteur
mr. M. de Vries
- JCDI
JCDI:ADS859178:1
- Vakgebied(en)
Erfrecht (V)
Voetnoten
Voetnoten
Barbaix 2018, p. 432, Barbaix & Verbeke, RW 2012-13/nr. 30, p. 1165, Barbaix & Verbeke, TEP 2013/3, p. 20 en Barbaix & Verbeke, in: Comm. Erf., art. 729-730, p. 33 (online, bijgewerkt tot 26 september 2013).
Barbaix 2018, p. 432, Barbaix & Verbeke, RW 2012-13/nr. 30, p. 1165, Barbaix & Verbeke, TEP 2013/3, p. 20 en Dekkers e.a. 2018, p. 15.
Op vraagstukken die spelen over het ouderlijk vruchtgenot in relatie tot onwaardigheid wordt hier niet nader ingegaan. Zie hierover nader bijvoorbeeld Barbaix 2018, p. 433-434 en Casman 2013, p. 27-28 en de daar genoemde literatuurverwijzingen.
Barbaix 2018, p. 433.
Zie voor de Nederlandse regeling nader par. 3.2.
Barbaix 2018, p. 425, Dekkers e.a. 2018, p. 15 en Pintens e.a. 2010, p. 749. Vgl. ook Vandenbogaerde, TPR 2021, p. 621-622.
Zie daarover nader par. 5.10 e.v.
Onwaardigheid leidt tot uitsluiting in de nalatenschap, zo volgt uit artikel 4.6 § 1 en 4.8 BBW. Uitsluiting in de nalatenschap heeft voor de onwaardige tot gevolg dat als regel geldt dat hij direct noch indirect erfrechtelijke aanspraken kan verkrijgen in de nalatenschap van zijn slachtoffer.1 De onwaardige verliest iedere versterfaanspraak en dus ook de reserve in de nalatenschap van het slachtoffer.2 Hij wordt geacht nooit enig recht in de nalatenschap te hebben gehad (art. 4.8 lid 1 BBW). Naast de rechtstreekse aanspraken wordt de onwaardige ook de onrechtstreekse aanspraken op de nalatenschapsgoederen ontzegd. De onwaardige verliest het ouderlijk vruchtgenot3 en daarnaast voorkomt de afgeleide onwaardigheid indirecte aanspraken.4 Deze afgeleide onwaardigheid komt nader aan de orde in de volgende paragraaf.
De uitsluiting is beperkt tot aanspraken op grond van het wettelijke erfrecht. Dit is gelegen in het feit dat – in tegenstelling tot de Nederlandse regeling – de Belgische onwaardigheidsbepalingen enkel betrekking hebben op het versterferfrecht.5 Onwaardigheid leidt daarmee niet tot verlies van andere voordelen toegekend bij bijvoorbeeld testament.6 Het testamentaire erfrecht kent zelfstandige gronden voor het verlies van voordelen.7
5.9.1.1 Afgeleide onwaardigheid