Einde inhoudsopgave
De weg naar schadevergoeding in het internationale gemotoriseerde verkeer (Verzekeringsrecht) 2010/3.4.4.1
3.4.4.1 Verzekeringsplicht: algemeen
mr. F.J. Blees, datum 29-04-2010
- Datum
29-04-2010
- Auteur
mr. F.J. Blees
- JCDI
JCDI:ADS397209:1
- Vakgebied(en)
Verzekeringsrecht (V)
Voetnoten
Voetnoten
Het begrip ‘weg’ wordt ontleend aan de Wegenverkeerswet 1994, art. 1 lid 1, onder b; daarbij geldt ook een vaartuig dat wordt gebruikt bij de uitoefening van een veerdienst als weg. Een terrein is een terrein in de zin van de Wam, als het toegankelijk is voor het publiek of voor een zeker aantal personen die het recht hebben daar te komen. Zie voor jurisprudentie over met name het begrip terrein De Bosch Kemper & Gruben, nr. 12.1.
Art. 2 lid 3 Wam. Zie verder Wansink, Elzas & Borgesius, T&C Verzekeringsrecht (Elzas), aant. 6 bij art. 2.
Wet van 30 november 1983, Stb. 1983, 614.
Foto’s worden daarnaast vanzelfsprekend wel ingezet in het kader van de vervolging van andere strafbare feiten, zoals snelheidsovertredingen en door rood licht rijden.
De verzekeringsplicht is in de Wam neergelegd in art. 2. De bezitter en degene aan wie een kenteken is opgegeven, dienen een verzekering voor hun voertuig af te sluiten en in stand te houden, die voldoet aan de bepalingen bij of krachtens deWam gesteld:
als het motorrijtuig op een weg wordt geplaatst of als ermee op een weg wordt gereden;
als met het motorrijtuig buiten een weg op een terrein aan het verkeer wordt deelgenomen; of
als voor het motorrijtuig een kentekenbewijs is afgegeven.1
Een kenteken in de zin van de Wam is een kenteken als bedoeld in art. 36 Wegenverkeerswet 1994 (WVW). Buitenlandse kentekens gelden dus niet als een kenteken in de zin van de Wam. De regeling van de verzekeringsplicht van gewoonlijk in het buitenland gestalde motorrijtuigen komt aan de orde in paragraaf 3.4.4.5.
Zowel gekentekende motorrijtuigen als motorrijtuigen die naar de Wegenverkeerswet niet van een kenteken behoeven te worden voorzien, vallen derhalve onder de verzekeringsplicht, de laatste voor zover zij op een weg zijn geplaatst of er mee aan het verkeer wordt deelgenomen op een terrein. Is voor het voertuig een kentekenbewijs afgegeven, dan geldt de verzekeringsplicht ook in andere omstandigheden, waarbij de mogelijkheid bestaat de verzekeringsplicht op te heffen. Voorwaarde daarvoor is dat het voertuig buiten gebruik wordt gesteld en gehouden door plaatsing daarvan buiten een weg, gevolgd door een kennisgeving van schorsing van de verzekering door de verzekeraar aan de RDW, en een aanvraag tegen betaling door de eigenaar of de houder bij de RDW om de geldigheid van het kentekenbewijs te schorsen.2 Geeft de verzekeraar kennis van de beëindiging van de schorsing, wordt het voertuig weer op een weg geplaatst of wordt er op een terrein, niet zijnde een weg, aan het verkeer deelgenomen, dan herleeft de verzekeringsplicht.
Hetzelfde geldt als de tenaamstelling van het kenteken wijzigt en na verloop van een jaar na de schorsing.3
Dit stelsel brengt mee dat – althans voor gekentekende motorrijtuigen – controle op de naleving van de verzekeringsplicht door zogenaamde registervergelijking mogelijk wordt: het door de RDW bijgehouden kentekenregister wordt vergeleken met het CRWam. De ‘actieve’, dat wil zeggen niet geschorste, kentekens behoren verzekerd te zijn, ongeacht of zij zich op de weg bevinden of buiten een weg op een terrein aan het verkeer deelnemen.
Tot de wetswijziging van 19834 gold de verzekeringsplicht alleen als het voertuig zich op de weg bevond. Om naleving van de verzekeringsplicht te realiseren was controle op de weg, onder meer door foto’s, noodzakelijk. Thans zijn fotocontroles weliswaar nog steeds onmisbaar, onder meer om te controleren of voertuigenwaarvan de verzekeringsplicht op grond van buitengebruikstelling is geschorst, zich toch niet op de weg bevinden, maar omdat schorsing weinig wordt aangevraagd (mede door de eraan verbonden kosten) is het belang van handhaving van de verzekeringsplicht met behulp van fotocontroles sterk afgenomen.5
Niet gekentekende voertuigen vallen dus niet onder verzekeringsplicht zolang zij zich niet op een weg bevinden en evenmin buiten een weg op een terrein aan het verkeer deelnemen. Met de vanaf september 2005 gestarte kentekening van bromen snorfietsen is het probleem van de omvang van de controle op de naleving van de verzekeringsplicht door bezitters van niet gekentekende motorrijtuigen sterk verminderd.