Einde inhoudsopgave
Acting in concert-regeling inzake verplicht bod op effecten (VDHI nr. 136) 2016/1.6.1.1
1.6.1.1 Algemeen
J.H.L. Beckers, datum 01-01-2016
- Datum
01-01-2016
- Auteur
J.H.L. Beckers
- JCDI
JCDI:ADS363904:1
- Vakgebied(en)
Financieel recht / Bank- en effectenrecht
Voetnoten
Voetnoten
Vgl. in het algemeen over de noodzaak van acting in concert-bepalingen Davies 2002, p. 4.
Naar art. 5:45 lid 5 Wft wordt verwezen in de meldingsregeling voor substantiële deelnemingen (art. 5:38 e.v. Wft) en de regeling voor de verwerving van gekwalificeerde deelnemingen in en door financiële ondernemingen (art. 3:95 e.v. Wft). Er lijkt overigens in deze regelingen een verschillende interpretatie aan art. 5:45 lid 5 Wft te worden gegeven, zie Abma 2015-1, p. 389-390.
Deze regeling is op 22 juli 2013 in werking getreden, zie art. VIII van de Wet van 12 juni 2013 tot wijziging van de Wet op het financieel toezicht, het Burgerlijk Wetboek, de Wet op de economische delicten en enige fiscale wetten ter implementatie van richtlijn nr. 2011/61/EU van het Europees Parlement en de Raad van de Europese Unie van 8 juni 2011 inzake beheerders van alternatieve beleggingsinstellingen en tot wijziging van de Richtlijnen 2003/41/EG en 2009/65/EG en van de Verordeningen (EG) Nr. 1060/2009 en (EU) Nr. 1095/2010 (PbEU 2011, L 174) (Stb. 2013/228).
Zie hierover nader Overkleeft 2012-2, p. 110 en Eumedion 2012 – Brief implementatie AIMFD, p. 6.
Ook de zogenaamde doorbraakregeling uit het in 2002 ingetrokken “wetsvoorstel beschermingsconstructies” (Kamerstukken II, 1997/98, 25 732, nr. 2, p. 2) kende bepaalde acting in concert-regels. Deze zagen op het niet-meetellen van belangen bij de berekening van de doorbraakdrempel van 70%, zie hierover Schwarz 2000, p. 321; Schwarz 1999, p. 700 en Dortmond 1998, p. 133 (voetnoot 13).
Zie nader over de uitleg van die zinsnede Schwarz, Rechtspersonen (Groene Serie), art. 118a, aant. 5 en Cremers 2006, p. 91-92.
Zie voor een beknopte vergelijking tussen de mededingingsrechtelijke regels en de acting in concertregeling van de biedplicht § 9.3.5.
Dat is ook de overtuiging van de European Company Law Experts 2013, p. 4.
De meeste regels die gevolgen verbinden aan het verwerven van een bepaald belang kennen acting in concert-regels.1 In de Wft kan worden gedacht aan art. 5:45 lid 5 Wft2 en aan art. 4:37x Wft in het kader van de regulering van beheerders van alternatieve beleggingsinstellingen (art. 4:37b e.v. Wft)3,4 . Ook boek 2 BW bevat acting in concert-achtige regels.5 Men denke aan de toerekeningsnorm “onderlinge regeling tot samenwerking” in de structuurregeling en art. 2:118a BW.6 Buiten het vennootschaps- en effectenrecht noem ik ten slotte nog het mededingingsrecht, dat niet alleen regels bevat voor (formele) overeenkomsten, maar ook voor zogenaamde “onderling afgestemde feitelijke gedragingen”.7
In het onderzoek komen deze andere acting in concert-regels slechts zeer incidenteel aan de orde omdat het om onvergelijkbare regelingen gaat.8 Ik werk dat in het onderstaande uit voor de meldingsplicht, maar in essentie geldt dit voor iedere andere acting in concert-regel.