Einde inhoudsopgave
De grenzen voorbij (NJV 2019-1) 2019/3.6
3.6 Klimaatverandering en mensenrechten: De rol van het bedrijfsleven
prof. mr. dr. K. Arts, prof. mr. M.W. Scheltema , datum 01-05-2019
- Datum
01-05-2019
- Auteur
prof. mr. dr. K. Arts, prof. mr. M.W. Scheltema
- JCDI
JCDI:ADS377527:1
- Vakgebied(en)
EU-recht / Algemeen
Staatsrecht / Algemeen
Internationaal publiekrecht / Algemeen
Voetnoten
Voetnoten
Zie bijvoorbeeld www.duurzaam-ondernemen.nl/topbestuurders-komen-terug-uit-spitsbergen-met-ambitieuze-plannen/. Voorts heeft bijvoorbeeld de Royal Bank of Scotland (RBS) aangekondigd niet meer in kolenprojecten te investeren. Zie www.banktrack.org/news/rbs_moves_on_coal_and_tar_sands_and_takes_the_lead_of_uk_banks. Ook ING heeft aangekondigd voorafgaand aan het verstrekken van leningen voor haar gehele portefeuille te gaan beoordelen of de leningnemer voldoende maatregelen neemt om onder de 2°C-grens te blijven. Zie www.ing.com/ Sustainability/Our-Stance/Climate.htm.
Ministers Wiebes en Hoekstra hebben erop aangedrongen dat de financiële sector de belangen in fossiele brandstoffen afbouwt. Zie www. accountant.nl/nieuws/2018/7/triodos-ook-financiele-sector-moet-fossiele-assets-afbouwen/.
Banktrack wijst op de noodzaak voor banken om investeringen in kolen af te bouwen. Zie ook www.banktrack.org/coaldevelopers/; www.fossilbanks.org/; en www.banktrack.org/article/indigenous_environmental_and_climate_justice_groups_rally_outside_equator_ principles_meeting en www.desmog.co.uk/2018/02/13/uk-bank-standard- chartered-set-breach-its-climate-pledges-financing-dirty-coal-plant-vietnam.
Het valt op dat de ambitie om klimaatmaatregelen te nemen bij bedrijven in behoorlijke mate aanwezig is.1 Ook de Nederlandse overheid dringt op dergelijke maatregelen aan.2 Hetzelfde geldt voor maatschappelijke organisaties.3 De vraag is echter of de nu beoogde maatregelen voldoende zullen zijn om onder de 2°C-grens van het Akkoord van Parijs te blijven. In dat verband bekijken wij in deze sectie van ons preadvies nu de rol van bedrijven in detail. Hierbij dient men in het achterhoofd te houden dat klimaatverandering een niet-territoriaal probleem betreft dat bij uitstek een transnationale aanpak vergt. Ook voor private entiteiten gaat het derhalve niet alleen om een (al dan niet op regelgeving gebaseerde) verplichting om maatregelen te nemen in het land van haar zetel. Ook doet zich de vraag voor of een private actor gehouden is transnationale maatregelen te nemen die relevant zijn voor andere gebieden of staten (zelfs als deze private actor niet actief is in die gebieden of staten). In verband met deze maatregelen wordt overigens meestal alleen gesproken over het reduceren van de emissie van broeikasgassen (mitigatie) en niet over adaptatiemaatregelen. Beide soorten maatregelen kunnen echter relevant zijn.
Voor staten hebben wij in de voorgaande secties van dit preadvies de (mensenrechten)verplichtingen tot het nemen van zowel mitigatie als adaptatiemaatregelen uiteengezet en onderbouwd. Het is echter niet vanzelfsprekend dat (internationale) milieu- en/of mensenrechtennormen ook voor private actoren zoals bedrijven gelden. Bovendien rijzen er vragen over de mate waarin bedrijven dergelijke normen eventueel dienen te respecteren buiten de landsgrenzen van het land waarin zij hun zetel hebben. Dit zullen wij nu nader bezien.
Vervolgens gaan wij in op de vraag of de toepasselijkheid van mensenrechtennormen ook voor klimaatactie door bedrijven meerwaarde heeft. Indien dat het geval is, rijst de vraag hoe de benodigde transnationale aanpak van het klimaatprobleem, dat immers een niet-territoriale impact heeft, door bedrijven vorm zou moeten krijgen en hoe zij daarin verantwoordelijkheid kunnen nemen. Ervan uitgaande dat overheden op mondiaal niveau de problematiek voorlopig nog onvoldoende zullen reguleren, lijkt het voor het komen tot de benodigde fundamentele wijzigingen in het handelen van bedrijven op transnationaal niveau essentieel om tot duidelijke private (reductie)standaarden te komen en die ook te handhaven. Bij niet-naleving zouden derden daarover moeten kunnen klagen.
Degelijke private standaarden zouden onder meer in multistakeholderinitiatieven kunnen worden ontwikkeld waarin ook door verschillende soorten actoren wordt samengewerkt (multilevel). Het effectief aanpakken van klimaatverandering vereist immers veelal een fundamentele wijziging van de huidige markten en daarvoor lijkt onder meer samenwerking tussen verschillende soorten actoren in een markt noodzakelijk. Daarnaast is het nuttig om ook andere belanghebbenden in het proces te betrekken omdat dit het draagvlak voor dergelijke fundamentele wijzigingen vergroot.Daarbij rijzen onder meer de vragen wat onder een effectieve aanpak van klimaatverandering wordt verstaan, en hoe de effectiviteit van een multistakeholderinitiatief zou kunnen worden vastgesteld. Na beantwoording van die vragen houden wij een aantal (134) private of multistakeholderklimaatinitiatieven tegen het licht om te bezien in hoeverre die al dan niet effectief zijn. Dit biedt ons vervolgens een basis om uitspraken te doen over of private actoren daarmee hun verantwoordelijkheid op het gebied van klimaatverandering in voldoende mate nemen en, indien dat niet het geval is, hoe relevante maatregelen verder zouden kunnen worden gestimuleerd.
3.6.1 De relevante wetgeving, standaarden en initiatieven voor mensenrechten en het bedrijfsleven in het algemeen3.6.2 Zijn mensenrechtennormen ook van toepassing op klimaatmaatregelen door bedrijven?3.6.3 De toegevoegde waarde van de toepasselijkheid van mensenrechtennormen3.6.4 Effectiviteit van private en multistakeholderklimaatinitiatieven in het algemeen