Omzetting als rechtsvormwijziging
Einde inhoudsopgave
Omzetting als rechtsvormwijziging (IVOR nr. 70) 2010/7.3.4.7:7.3.4.7 Accountantsverklaring
Omzetting als rechtsvormwijziging (IVOR nr. 70) 2010/7.3.4.7
7.3.4.7 Accountantsverklaring
Documentgegevens:
Mr. B. Snijder-Kuipers, datum 20-01-2010
- Datum
20-01-2010
- Auteur
Mr. B. Snijder-Kuipers
- JCDI
JCDI:ADS497817:1
- Vakgebied(en)
Ondernemingsrecht (V)
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Artikel 7:834 lid 4 sub b BW
Artikel 2:183 lid 2 sub b BW
A.L. Mohr, in: A.L. Mohr, M.J.A. van Mourik en H.M.N. Schonis, Personenvennootschappen (preadvies van de Vereeniging 'Handelsrecht% Deventer: Kluwer 2003, p. 98.
C.W. de Monchy, 'Nieuwe omzettingen in het vennootschapsrecht', Ondernemingsrecht 20034, p. 129.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
De regeling met betrekking tot het minimum eigen vermogen1 dat ter gelegenheid van de rechtsvormwijziging nodig is, is hetzelfde als voor de rechtsvorm-wijziging in een besloten vennootschap zoals op dit moment voorgeschreven.2 De suggestie van Mohr3 om te verwijzen naar artikel 2:183 lid 2 onder b BW onderschrijf ik omwille van de overzichtelijkheid niet. Artikel 2:183 lid 2 onder b BW verwijst eveneens naar artikel 2:393 BW. De regeling dient zoveel mogelijk geïntegreerd behandeld te worden en dient voor de praktische toepasbaarheid zo weinig mogelijk doorverwijzingen te bevatten. De accountantsverklaring heeft ten doel het vermogen van de besloten vennootschap op ten minste het niveau van het minimumkapitaal veilig te stellen. Een bankverklaring zoals vereist bij oprichting van een besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid, is niet vereist. De accountantsverklaring geeft een waarborg voor het minimumvermogen van de besloten vennootschap als bij inbreng in natura waarbij (naar analogie van de rechtsvormwijziging zoals geregeld in Boek 2 BW) het bij rechtsvorm-wijziging geen uit te geven aandelen maar in het kader van de rechtsvormwijziging toe te kennen aandelen betreft.
De Monchy4 suggereert om de accountant een verklaring af te laten leggen over de redelijkheid van de toegekende ruilverhouding. Indien de ruilverhouding niet redelijk is, kan aangenomen worden dat het besluit niet tot stand komt. De eis van redelijkheid die eveneens gesteld wordt in het kader van een juridische fusie en splitsing is wel van belang aangezien minderheidsaandeelhouders benadeeld kunnen worden door een bepaalde ruilverhouding. De kans dat dat zich voordoet bij een besluit tot rechtsvormwijziging van een OVR in een besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid is veel geringer vanwege de zware besluitvormingseis. Daarbij komt dat geen consequenties verbonden worden aan het al dan niet redelijk zijn van een ruilverhouding. De kosten van een dergelijke accountantsverklaring kunnen dan ook bespaard worden.