Uitbesteding van werk en (on)gelijke behandeling
Einde inhoudsopgave
Uitbesteding van werk en (on)gelijke behandeling (MSR nr. 87) 2024/5.3.2.3:5.3.2.3 Geen verplichte medewerking inlener bij re-integratie: gerechtvaardigd personeelsbeleid?
Uitbesteding van werk en (on)gelijke behandeling (MSR nr. 87) 2024/5.3.2.3
5.3.2.3 Geen verplichte medewerking inlener bij re-integratie: gerechtvaardigd personeelsbeleid?
Documentgegevens:
M.A.C. Keijzer, datum 01-01-2024
- Datum
01-01-2024
- Auteur
M.A.C. Keijzer
- JCDI
JCDI:ADS943628:1
- Vakgebied(en)
Arbeidsrecht (V)
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Rb. Midden-Nederland 10 mei 2021, ECLI:NL:RBMNE:2021:1969, r.o. 9-12.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
De diensten van een uitzendbureau moeten een flexibel karakter behouden, wat vooral tot uiting komt in het feit dat de inlening gemakkelijk beëindigd kan worden. Zo overwoog ik al dat, hoewel het beroep van een uitzendbureau op het uitzendbeding bij ziekte geen gerechtvaardigd personeelsbeleid is, uitzendbureaus inleners wel kunnen blijven toestaan de inlening te allen tijde te beëindigen. Als een inlener verplicht wordt mee te werken aan de re-integratie van een uitzendkracht, doet dat af aan de flexibiliteit die zo van belang is voor de diensten van uitzendbureaus en die opdrachtgevers gerechtvaardigd verwachten bij inlening. Het niet-verlangen van medewerking van inleners wat betreft de re-integratie van uitzendkrachten is voor het uitzendbureau noodzakelijk om, gezien de aard en context van de eigen activiteiten en de gerechtvaardigde verwachtingen van opdrachtgevers, legitieme doelstellingen te bereiken.
Een uitzendbureau heeft vele opdrachtgevers en hoeft gezien de allocatiefunctie niet terughoudend te zijn in het zoeken van passend werk bij deze opdrachtgevers. Geen van de opdrachtgevers is verplicht een re-integratieplek te bieden, maar het is zeker niet uitgesloten dat een van hen dat wel doet. Financieel is het bieden van passend werk voor een opdrachtgever namelijk geen (hoge) last en mogelijk zelfs aantrekkelijk, aangezien de plaatsing van de re-integrerende werknemer doorgaans op collegiale basis plaatsvindt. De opdrachtgever kan dan werk laten verrichten tegen lagere kosten dan hij zou hebben als het geen re-integrerende uitzendkracht zou betreffen. Bovendien zal het uitzendbureau zich wel moeten inspannen om bij alle opdrachtgevers – waaronder de oorspronkelijke inlener – te onderzoeken of zij passend werk kunnen en willen bieden. Als het bureau dat nalaat, dreigt immers als sanctie het loon een jaar langer door te moeten betalen.1 De proportionaliteit van de ongelijke behandeling is daarmee ook gewaarborgd. Dat een inlener niet verplicht is tot het bieden van passend werk voor de re-integratie van eerder ingeleende uitzendkrachten is dus een gerechtvaardigd personeelsbeleid van het uitzendbureau.