De autonomie van de leraar
Einde inhoudsopgave
De autonomie van de leraar (SteR nr. 64) 2024/4.4.5:4.4.5 Conclusie
De autonomie van de leraar (SteR nr. 64) 2024/4.4.5
4.4.5 Conclusie
Documentgegevens:
J.S. Buiting, datum 07-02-2024
- Datum
07-02-2024
- Auteur
J.S. Buiting
- JCDI
JCDI:ADS949582:1
- Vakgebied(en)
Bestuursrecht algemeen (V)
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Aan de leraar komt vrijheid van meningsuiting toe. Deze vrijheid kan evenwel beperkt worden, bijvoorbeeld om de belangen van het bevoegd gezag of de leerlingen te beschermen. Uit de jurisprudentie van het EHRM blijkt dat van een werknemer een zekere mate van loyaliteit en discretie verwacht mag worden. Daarnaast mag in het bijzonder van de leraar méér verwacht worden dan van een ander. Hij heeft een voorbeeldfunctie en is een symbool van gezag voor zijn leerlingen. Hoe ver de vrijheid van meningsuiting van de leraar precies strekt is niet duidelijk. Vaak speelt niet enkel de betreffende uiting een rol bij het ontslag, maar zijn er ook andere omstandigheden die de arbeidsverhoudingen hebben doen verslechteren. Wel kan uit de jurisprudentie afgeleid worden dat het bevoegd gezag in beginsel tolerant dient te zijn ten aanzien van uitingen van een leraar, in het bijzonder als het onderwerp maatschappelijk relevant is. Uitingen van de leraar mogen dan ook frictie opleveren met het bevoegd gezag, collega’s of leerlingen. Wel moet de leraar voorkomen dat een situatie ontstaat waardoor hij niet meer met hen kan samenwerken. Van de leraar mag dan ook discretie verwacht worden. In beginsel moet voorkomen worden dat tot collega’s of leerlingen herleidbare verhalen geopenbaard worden. De leraar moet er daarnaast op bedacht zijn dat zijn voorbeeldfunctie ook buiten de school van toepassing is. Buiten de school, waaronder op het internet, moet hij zich dan ook onthouden van uitspraken die de grenzen van respect voor anderen te buiten gaan. Van de leraar die werkt aan een bijzondere school mag daarnaast verwacht worden dat hij zich ook bij uitingen houdt aan de voorschriften die zien op de religieuze of levensbeschouwelijke richting van de school.