Einde inhoudsopgave
RvdW 2006, 464
EHRM, 14-03-2006, nr. 23276/04
EHRM 14-03-2006, ECLI:CE:ECHR:2006:0314DEC002327604
- Instantie
Europees Hof voor de Rechten van de Mens
- Datum
14 maart 2006
- Magistraten
Mrs. Casadevall, Bratza, Pellonpää, Maruste, Pavlovschi, Borrego Borrego, Šikuta
- Zaaknummer
23276/04
- LJN
AV9094
- Vakgebied(en)
Internationaal publiekrecht / Mensenrechten
- Brondocumenten
ECLI:CE:ECHR:2006:0314DEC002327604, Uitspraak, Europees Hof voor de Rechten van de Mens, 14‑03‑2006
- Wetingang
EVRM art. 1
Essentie
Saddam Hussein tegen 21 lidstaten.
Geen jurisdictie; niet-ontvankelijk. Hussein klaagt over zijn arrestatie, detentie en overdracht aan de Irakese autoriteiten, alsmede over zijn proces. Hij meent dat de 21 lidstaten verantwoordelijk zijn omdat zij de bezettingsmacht in Irak vormen en de facto overall controle in Irak uitoefenen ook nadat de geallieerde coalitie op 28 juni 2004 de macht aan de Iraakse interim-regering had overgedragen. Het EHRM oordeelt dat deze stellingen niet aannemelijk zijn gemaakt. Ook al zou Saddam Hussein onder de jurisdictie van een van de staten hebben kunnen vallen door zijn detentie door die staat, hij ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.