Bijzonder ontslagprocesrecht
Einde inhoudsopgave
Bijzonder ontslagprocesrecht (MSR nr. 67) 2015/8.6.1:8.6.1 Inleiding
Bijzonder ontslagprocesrecht (MSR nr. 67) 2015/8.6.1
8.6.1 Inleiding
Documentgegevens:
Mr. D.M.A. Bij de Vaate, datum 30-12-2014
- Datum
30-12-2014
- Auteur
Mr. D.M.A. Bij de Vaate
- JCDI
JCDI:ADS359424:1
- Vakgebied(en)
Rechtswetenschap / Algemeen
Burgerlijk procesrecht / Rechtspleging van onderscheiden aard
Arbeidsrecht / Einde arbeidsovereenkomst
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Naast een eventuele verplichte preventieve toetsing door de Betriebsrat – indien een bedrijf beschikt over een Betriebsrat – kent het Duitse ontslag(proces)recht een repressieve ontslagtoetsing door de arbeidsrechter. Die repressieve toetsing is geregeld in de algemene ontslagbescherming van het KSchG. Uitgangspunt daarbij is het begrip ‘sociale rechtvaardigheid’.1 Ingevolge § 4 KSchG kan de werknemer die onder het toepassingsbereik valt van het KSchG2 binnen drie weken na de schriftelijke opzegging het Arbeitsgericht vragen voor recht te verklaren dat de arbeidsovereenkomst niet door de opzegging is beëindigd vanwege de sociale onrechtvaardigheid daarvan. Acht het Arbeitsgericht de opzegging door de werkgever inderdaad sociaal ongerechtvaardigd, dan staat daarmee de nietigheid van de opzegging vast en duurt de arbeidsovereenkomst voort.3