Onwaardigheid
Einde inhoudsopgave
Onwaardigheid (AN nr. 182) 2023/2.2.3.3:2.2.3.3 Gratie, verjaring en herziening
Onwaardigheid (AN nr. 182) 2023/2.2.3.3
2.2.3.3 Gratie, verjaring en herziening
Documentgegevens:
mr. M. de Vries, datum 01-09-2023
- Datum
01-09-2023
- Auteur
mr. M. de Vries
- JCDI
JCDI:ADS859284:1
- Vakgebied(en)
Erfrecht (V)
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Wordt aan de onwaardige gratie verleend, dan heeft dat geen gevolgen voor zijn onwaardigheid.1 Dit komt doordat het verlenen van gratie het vonnis of arrest niet aantast. De veroordeling blijft dus in stand. De gratieverlening zorgt ervoor dat de opgelegde sanctie niet (volledig) mag worden ten uitvoer gelegd. Zij strekt ertoe te voorkomen dat de tenuitvoerlegging van een straf of maatregel onbillijk of ondoelmatig zou kunnen uitwerken.2
Executieverjaring, ofwel het verstrijken van de tenuitvoerleggingstermijn, raakt de onwaardigheid evenmin. Het recht tot tenuitvoerlegging van de straf of maatregel vervalt, maar de veroordeling blijft ook hier in stand (art. 6:1:22 Sv). Opmerking verdient dat de termijnen voor de tenuitvoerlegging gekoppeld zijn aan de termijnen voor de vervolgingsverjaring (art. 6:1:22 lid 2 Sv). Voor delicten waar twaalf jaar of meer gevangenisstraf op is gesteld, geldt dat het recht tot strafvordering niet kan verjaren (art. 70 lid 2 onder 1 Sr). Executieverjaring is dan ook niet aan de orde.3 Gedacht kan worden aan delicten als moord of doodslag.
Geheel anders ligt dit bij de figuur van herziening ten voordele waarbij de veroordeling wel kan worden aangetast (art. 457 e.v. Sv). Wordt de veroordeling herzien in een vrijspraak dan komt de onwaardigheid daardoor te vervallen. Bij een omzetting naar ontslag van alle rechtsvervolging is op grond van de wet niet langer sprake van onwaardigheid. In paragraaf 2.2.3.6 wordt betoogd dat een wetswijziging hier niet zou misstaan.