Einde inhoudsopgave
Vastgoedtransacties in de Europese btw (FM nr. 169) 2021/7.7.5.8.2.1
7.7.5.8.2.1 Beëindiging belaste verhuur van rechtswege
mr. dr. M.D.J. van der Wulp, datum 01-07-2021
- Datum
01-07-2021
- Auteur
mr. dr. M.D.J. van der Wulp
- JCDI
JCDI:ADS291268:1
- Vakgebied(en)
Toeslagen (V)
Omzetbelasting / Aftrek en teruggaaf
Omzetbelasting / Belastingplichtige en -schuldige
Europees belastingrecht / Belastingen EU
Omzetbelasting / Levering van goederen en diensten
Omzetbelasting / Vrijstelling
Europees belastingrecht / Algemeen
Voetnoten
Voetnoten
Hierop bestaat naar mijn mening geen uitzondering indien het sluiten van de nieuwe huurovereenkomst onderdeel uitmaakt van een overgang van het geheel of een gedeelte van een algemeenheid van goederen als bedoeld in art. 37d Wet OB, aangezien de indeplaatsstelling op grond van art. 8 Uitv.besch. OB zich beperkt tot het berekenen van de door de overdrager/oude huurder verschuldigde btw wat de onderneming of het overgedragen gedeelte betreft’. In gelijke zin: D.B. Bijl, De heffing van omzetbelasting ten aanzien van onroerend goed (diss.), Deventer: Kluwer 1990, p. 346, B.G. van Zadelhoff, Onroerende goederen en belasting over de toegevoegde waarde (diss.), Deventer: FED 1992, p. 266, B.G. van Zadelhoff, 'Wel en wee bij optie voor verhuur met BTW', WFR 1993/189, M.E. van Hilten, 'Doorlopende optie voor belaste verhuur', BtwBrief 1993, nr. 3, p. 4 en D.B. Bijl, Onroerend goed omzetbelasting en overdrachtsbelasting, Deventer: Kluwer 1998, p. 122.
D.B. Bijl, Onroerend goed omzetbelasting en overdrachtsbelasting, Deventer: Kluwer 1998, p. 122. Zie ook: B.G. van Zadelhoff, 'Wel en wee bij optie voor verhuur met BTW', WFR 1993/189, R.A. Wolf, Omzetbelasting en onroerend goed (FED Fiscale Brochures), Deventer: Wolters Kluwer 2015, p. 116, M.E. van Hilten en H.W.M. van Kesteren, Omzetbelasting, Kluwer: Deventer 2020, p. 339 en C.A. Peeters, Cursus BelastingrechtOB.2.3.2.D.e (online, bijgewerkt t/m 15 februari 2021).
De belaste verhuur eindigt van rechtswege indien:
de verhuur van het onroerend goed eindigt;
het gehuurde onroerend goed gebruikt gaat worden als woning (zie paragraaf 7.7.5.3);
de huurder niet meer voldoet aan de 90%-eis (zie 7.7.5.4 en 7.7.5.5); en
de persoon van de huurder wijzigt1.2