Einde inhoudsopgave
Fiscaal overgangsbeleid (FM nr. 131) 2009/6.2.3
6.2.3 Drie vormen van inbreuk op eigendom
dr. M. Schuver-Bravenboer, datum 01-02-2009
- Datum
01-02-2009
- Auteur
dr. M. Schuver-Bravenboer
- JCDI
JCDI:ADS416301:1
- Vakgebied(en)
Fiscaal bestuursrecht (V)
Fiscaal bestuursrecht / Algemeen
Fiscaal bestuursrecht / Algemene rechtsbeginselen en abbb
Belastingrecht algemeen / Algemeen
Staatsrecht / Wetgeving
Voetnoten
Voetnoten
Zie o.a. EHRM 16 april 2002, nr. 36677/97 (Dangeville/Frankrijk), BNB 2003/40 (m.nt. Wattel), par. 51.
Haeck 2004, p. 334.
EHRM 18 februari 1991, nr. 12033/86 (Fredin/Zweden), Series A192, par. 42.
EHRM 23 september 1982, nr. 7151/75 (Sporrong and Lönnroth/Zweden), Series A 52, par. 62-63; zie ook Thomas in par. 5 van zijn aant. bij EHRM 20 juli 2004, nr. 37598/97 (Bäck/Finland).
EHRM 22 september 1994, nr. 13616/88 (Hentrich/Frankrijk), FED 1994/762.
O.a. EHRM 23 oktober 1997, nr. 21319/93 (The National & Provincial Building Society e.a./ Verenigd Koninkrijk), RJ&D 1997-VII, par. 79.
Vgl. concl. A-G Wattel, onderdeel 6.6 bij HR 8 februari 2002, nr. 35 721, BNB 2002/137 (m.nt. Van Kesteren).
Vgl. Thomas in zijn aantekening bij de zaak Bäck in FED 2004/709.
Art. 1 EP EVRM onderscheidt drie verschillende, zij het onderling samenhangende regels voor inbreuk op het eigendomsrecht. De genotsregel, ook wel de basisregel genoemd, is opgenomen in de eerste volzin en omvat het recht op ongestoord genot van eigendom (zie de verdragstekst in par. 6.2.1). De ontnemingsregel en reguleringsregel omvatten respectievelijk een verbod op ontneming van eigendom (eerste alinea, tweede volzin) en toestemming om in bepaalde gevallen eigendom te reguleren (tweede alinea). De ontnemings- en reguleringsregel vormen een specificatie van de genotsregel.1 Om die reden toetst het EHRM vaak eerst of sprake is van een schending van de ontnemings- of reguleringsregel. Als dat niet het geval is, of niet duidelijk is, valt het terug op de genotsregel. Het belang van het onderscheid tussen de verschillende regels is daarin gelegen dat als sprake is van ontneming van eigendom een overgangsmaatregel in beginsel verplicht is (zie par. 6.2.4).
Op grond van de ontnemingsregel is het een staat niet toegestaan iemand van zijn eigendom te ‘beroven’. Haeck leidt uit de rechtspraak van het EHRM af dat eigendom is ontnomen wanneer er sprake is van maatregelen waarbij de eigenaar alle attributen van het desbetreffende individuele recht worden ontnomen, waardoor de relatie tussen het voorwerp van het eigendomsrecht en de titularis volledig en definitief wordt verbroken.2 Ook indien geen sprake is van formele onteigening, maar van een ‘de facto’ onteigening, kan de ontnemingsregel echter worden toegepast.3 Bij een ‘de facto’ onteigening wordt het eigendom formeel niet ontnomen, doch heeft de maatregel een zodanig inperkende werking, dat de ingreep nagenoeg overeenkomt met een formele onteigening.4 In de zaak Pressos Compania Naviera S.A. e.a. (par. 6.2.2.1) was de ontnemingsregel van toepassing. Voor zover mij bekend paste het EHRM de ontnemingsregel in fiscale zaken alleen toe in de zaak Hentrich. Het betrof hier wetgeving die de Franse fiscus het recht verschafte om bepaalde zaken tegen 110% van de koopprijs op te kopen.5 Binnen het bestek van dit onderzoek speelt de ontnemingsregel mijns inziens in beginsel slechts een rol als de nieuwe regel materiële rechtsgevolgen verandert die zijn ingetreden voordat de wetswijziging voorzienbaar werd. Er is dan sprake van de eerste in par. 6.2.2.1, onderdeel b besproken situatie.
Belastingzaken worden echter veelal in eerste instantie bezien tegen de achtergrond van de reguleringsregel.6 Deze regel geeft een staat onder andere het recht om het gebruik van eigendom te reguleren om zodoende de betaling van belastingen te verzekeren. Bij belastingheffing wordt slechts een geldvordering op de belastingplichtige gevestigd en is het om het even uit welke middelen hij die vordering voldoet, zodat in beginsel geen sprake is van ontneming.7 Ook indien in geschil is of met terugwerkende kracht aanpassingen in het heffingssysteem mogen worden aangebracht, past het EHRM in beginsel de reguleringsregel toe. Pas als materieel beschouwd in het geheel geen rechten meer kunnen worden ontleend aan het eigendom, kan de ontnemingsregel van toepassing zijn.8