Kiesrecht, verkiezingen en verkiezingscampagnes
Einde inhoudsopgave
Kiesrecht, verkiezingen en verkiezingscampagnes (SteR nr. 63) 2024/11.7.1:11.7.1 Achtergrond
Kiesrecht, verkiezingen en verkiezingscampagnes (SteR nr. 63) 2024/11.7.1
11.7.1 Achtergrond
Documentgegevens:
mr. L.S.A. Trapman, datum 19-02-2024
- Datum
19-02-2024
- Auteur
mr. L.S.A. Trapman
- JCDI
JCDI:ADS947728:1
- Vakgebied(en)
Bestuursrecht algemeen (V)
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
ST-17037/23, art. 13. Zie over de transparantieverklaring verder par. 11.8.
ST-17037/23, art. 3 lid 14.
Zie art. 33 lid 1 DSA.
ST-17037/23, art. 25.
Uit het conceptvoorstel voor de Uitvoeringswet digitaledienstenverordening, dat in de zomer van 2023 in internetconsultatie ging, blijkt dat de regering hier de ACM op het oog heeft.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
In het oorspronkelijke Commissievoorstel voor de Transparantieverordening was niet in een advertentieregister voorzien. Het Europees Parlement nam echter amendementen aan die in de oprichting van een Europees register voor online politieke reclameboodschappen verzagen. Het definitieve voorstel handhaaft dit aspect. In dit Europees register moeten de uitgevers van politieke reclame de door hen verspreide advertenties en de bijbehorende transparantieverklaringen laten opnemen.1 Onder ‘uitgever van politieke reclame’ wordt in dit verband (kort gezegd) verstaan de aanbieder van de politieke reclamedienst die een boodschap publiceert. 2Het gaat daarbij dus niet om de adverteerder zelf, maar om het platform (bijvoorbeeld Meta, Google) dat de advertentie verspreidt. De Europese Commissie moet zorg gaan dragen voor de oprichting en het beheer van dit advertentieregister. ‘Zeer grote online platforms’, zijnde platforms met meer dan 45 miljoen maandelijks actieve gebruikers, 3zijn op grond van artikel 39 DSA overigens al verplicht tot het oprichten van eigen advertentieregisters waarin zij hun boodschappen moeten opnemen, waarbij zij onder andere moeten aangeven ‘of de reclame specifiek bedoeld was om te worden getoond aan een of meer bepaalde groepen afnemers van de dienst en indien dit zo is, de belangrijkste parameters die hiervoor zijn gebruikt’.
Het toezicht op dit aspect van de verordening moet worden uitgeoefend door een op nationaal niveau aan te wijzen toezichthouder, die onder andere de bevoegdheid kan krijgen om een geldboete op te leggen.4 Het is aan de lidstaten om dit sanctieregime vorm te geven. Op het moment van afronding van dit onderzoek is nog onbekend welke toezichthouder in Nederland met die taak belast gaat worden. Het voorstel voor de Transparantieverordening noemt zelf de entiteiten die belast zijn met het toezicht op de naleving van de DSA als optie, in welk kader de Autoriteit Consument en Markt in beeld komt. 5