Betrouwbaar getuigenbewijs
Einde inhoudsopgave
Betrouwbaar getuigenbewijs 2014/12.4.1:12.4.1 Selectie van passages uit de getuigenverklaring
Betrouwbaar getuigenbewijs 2014/12.4.1
12.4.1 Selectie van passages uit de getuigenverklaring
Documentgegevens:
Mr. Dr. M.J. Dubelaar, datum 01-12-2013
- Datum
01-12-2013
- Auteur
Mr. Dr. M.J. Dubelaar
- Vakgebied(en)
Strafprocesrecht / Terechtzitting en beslissingsmodel
Strafprocesrecht / Voorfase
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Het wordt pas problematisch op het moment dat de rechter de verklaring als geheel in het vonnis uitdrukkelijk als onbetrouwbaar heeft bestempeld. Dan lijkt de mogelijkheid om nog onderdelen van die verklaring voor het bewijs te gebruiken uitgesloten. Zie HR 14 december 1992, NJ 1993, 54 en HR 23 september 2008, NJ 2008, 425.
Deze praktijk is wel door rechtspsychologen ter discussie gesteld. Zij ageren zowel tegen het strepen uit de tenlastelegging als tegen het strepen uit verklaringen (Wagenaar 2010, p. 360-363).
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Wanneer een verklaring wordt gebruikt in de bewijsconstructie dan maakt de rechter een selectie: niet de verklaring als geheel, maar alleen de voor het bewijs redengevende inhoud wordt gebruikt. Het betreft de concrete beweringen die in de verklaring zijn vervat en die relevant zijn voor het bewijs. Bij het nemen van de bewijsbeslissing worden derhalve beweringen of passages geselecteerd op basis van hun geloofwaardigheid en relevantie voor de te nemen beslissing. Een verklaring die niet op alle onderdelen accuraat of consistent is gebleken, kan niettemin voor het bewijs worden gebruikt op die onderdelen die de rechter wel geloofwaardig acht. Het kan zijn dat een getuige zegt meermalen te zijn mishandeld door de verdachte, maar dat de rechter slechts één incident bewezen verklaart omdat slechts eenmaal letsel is waargenomen bij het slachtoffer en voor de overige beweerde incidenten aanvullend bewijs ontbreekt. Ook een verklaring waarvan is vastgesteld dat deze inconsistent is en op onderdelen aantoonbaar onjuist, kan op een specifiek onderdeel toch voor het bewijs worden gebruikt indien de rechter aan de desbetreffende passage die hij voor het bewijs gebruikt wel geloof hecht. Er is geen juridische regel die zich daartegen verzet.1
Het is staande jurisprudentie dat in de verklaring mag worden geknipt, zolang de verklaring daardoor niet wordt gedenatureerd. Dit laatste houdt in dat de betekenis van het verklaarde verandert door de wijze waarop de verklaring in het vonnis wordt gebruikt. Er bestaat behoorlijk wat rechtspraak over het denatureren van verklaringen (in het bijzonder bij verklaringen afkomstig van verdachten), maar er is onder juristen weinig discussie over het mechanisme dat achter het selecteren van passages schuilgaat.2 Aan het selecteren van passages uit de verklaring voor het bewijs en het negeren van andere zijn risico’s verbonden, namelijk dat de rechter kiest uit de verklaring wat hem welgevallig voorkomt en eventuele tegenstrijdigheden met het overige bewijsmateriaal negeert. De vraag is of het valt te verantwoorden dat het ene deel van de verklaring wel wordt gebruikt en het andere in potentie relevante deel niet? Als het louter een kwestie is van relevantie dan lijkt het geen probleem, maar als het een kwestie van geloofwaardigheid is wel. Men kan zich afvragen of – kleine inconsistenties daargelaten – het voorkomen van evidente onjuistheden in de verklaring niet betekent dat de verklaring in zijn geheel is besmet.