Uitbesteding van werk en (on)gelijke behandeling
Einde inhoudsopgave
Uitbesteding van werk en (on)gelijke behandeling (MSR nr. 87) 2024/7.2:7.2 Toetsingskader: naast concrete aanbevelingen ook abstracte inzichten?
Uitbesteding van werk en (on)gelijke behandeling (MSR nr. 87) 2024/7.2
7.2 Toetsingskader: naast concrete aanbevelingen ook abstracte inzichten?
Documentgegevens:
M.A.C. Keijzer, datum 01-01-2024
- Datum
01-01-2024
- Auteur
M.A.C. Keijzer
- JCDI
JCDI:ADS943671:1
- Vakgebied(en)
Arbeidsrecht (V)
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
De ‘gerechtvaardigd personeelsbeleid-toets’ is in dit onderzoek toegepast op een aantal fundamentele aspecten van de rechtspositie van arbeidskrachten, te weten: het loon voor werken en het pensioeninkomen, het loon en de re-integratie tijdens ziekte en de ontslagbescherming. Daarbij is steeds eerst uiteengezet hoe deze aspecten van de rechtspositie in de praktijk uitwerken voor arbeidskrachten die in de verschillende verschijningsvormen uitbesteed werk verrichten. Waar dat ongelijke behandeling opleverde met werknemers van de uiteindelijk begunstigde die vergelijkbaar werk verrichten, is getoetst of deze ongelijke behandeling een gerechtvaardigd personeelsbeleid van de intermediaire onderneming is. Indien dat niet het geval bleek te zijn, zijn concrete aanbevelingen gedaan teneinde de ongerechtvaardigde ongelijke behandeling op te heffen.
Naast concrete aanbevelingen voor de regulering van uitbesteding van werk kan de toetsing mogelijk ook op abstracter niveau relevante inzichten voor regulering met zich meebrengen. De verschillende verschijningsvormen vertonen onderling ten aanzien van de uitkomsten van de toetsing namelijk een aantal duidelijke overeenkomsten. Dit kan inzicht bieden in de factoren die er in de verschillende verschijningsvormen toe leiden dat ongelijke behandeling juist wel of niet een gerechtvaardigd personeelsbeleid van de intermediair is. In de navolgende paragrafen worden deze overeenkomsten in kaart gebracht om dergelijke factoren en het effect daarvan op de toetsing uit te lichten.
Daartoe worden de verschijningsvormen ten aanzien waarvan de toetsingsuitkomsten (grotendeels) met elkaar overeenkomen, steeds samengevoegd in een categorie. Dit resulteert in zes categorieën. Per categorie wordt gereflecteerd op de toetsing die bij de verschijningsvormen binnen die categorie heeft plaatsgevonden en de uitkomsten en aanbevelingen waartoe die toetsing heeft geleid. Geïnventariseerd wordt vervolgens of, en zo ja, welke, factoren bij uitbesteding van werk een indicatie kunnen vormen voor de conclusie dat ongelijke behandeling van de arbeidskracht die het uitbestede werk verricht een gerechtvaardigd personeelsbeleid van de intermediair is.
Daarna wordt op de ‘gerechtvaardigd personeelsbeleid-toets’ en de daaruit voortgekomen aanbevelingen gereflecteerd aan de hand van de plannen en voorstellen van de overheid tot herziening van de arbeidsmarkt en de aanbevelingen die gedaan zijn in het Wetboek van Werk en de rapporten van de Commissie Regulering van Werk, de WRR en de SER.