Pleitbaar standpunt in het fiscale boete- en strafrecht
Einde inhoudsopgave
Pleitbaar standpunt in het fiscale boete- en strafrecht (FM nr. 148) 2016/6.3.1.2:6.3.1.2 Standpunt op het oog, maar verondersteld dat het niet pleitbaar was
Pleitbaar standpunt in het fiscale boete- en strafrecht (FM nr. 148) 2016/6.3.1.2
6.3.1.2 Standpunt op het oog, maar verondersteld dat het niet pleitbaar was
Documentgegevens:
dr. mr. M.M. Kors, datum 21-11-2016
- Datum
21-11-2016
- Auteur
dr. mr. M.M. Kors
- JCDI
JCDI:ADS568708:1
- Vakgebied(en)
Fiscaal procesrecht / Algemeen
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Zie hoofdstuk 4, paragrafen 4.4.2.1 en 4.4.2.2.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
In de tweede plaats kan opzet bij een onjuiste maar pleitbare aangifte worden vastgesteld in de situatie waarin de belastingplichtige op het moment van het doen van de aangifte weliswaar een standpunt op het oog heeft gehad, maar heeft verondersteld dat dat standpunt en daarmee de daarop gebaseerde aangifte niet pleitbaar maar onjuist waren, terwijl dat standpunt naar later blijkt naar objectieve maatstaven toch pleitbaar is. Voor deze situatie, die zich overigens ook niet vaak zal voordoen, is een arrest van de strafkamer van de Hoge Raad uit 2012 van belang dat eerder in dit onderzoek is besproken.1 Hierna, in paragraaf 6.4.1, wordt op dit arrest teruggekomen.
Een belastingplichtige vennootschap die na alle argumenten te hebben afgewogen uiteindelijk tot de conclusie is gekomen dat een dividenduitkering ontvangen van een buitenlandse hybride deelneming gewoonweg niet onder de deelnemingsvrijstelling kán vallen, maar in haar aangifte ondanks die conclusie toch voor die dividenduitkering een beroep op de deelnemingsvrijstelling heeft gedaan heeft, als de dividenduitkering inderdaad niet onder de deelnemingsvrijstelling blijkt te vallen, opzettelijk een onjuiste aangifte gedaan.